Boekgegevens
Titel: Mulder's leesboekjes
Deel: Negende stukje Landhuishoudkunde
Auteur: Mulder, Gerard Christiaan; Brug, S.L.
Uitgave: Nijmegen: H.C.A. Thieme, 1861
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6681
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202879
Onderwerp: Landbouwwetenschappen: landbouwwetenschappen: algemeen
Trefwoord: Landbouw, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Mulder's leesboekjes
Vorige scan Volgende scanScanned page
16
dat de planten ei' schraler groei vertoonen, dan op ver-
deren afstand. Om dit te verhelpen , vorderen die kan-
ten dubbele bemesting, hetwelk door de opbrengst van
het houtgewas weder eenigzins vergoed wordt. Door
langs die boomen diepe greppels te graven, waarbij die
wortels afgestoken worden, kan men dit kwaad veel
verminderen. Vreest men , dat de grond daardoor te
veel zal uitdroegen, dan kan men dit jaarlijks doen, en
telkens die greppels weder vullen, nadat men de wortels
weggenomen heeft.
Nog in een ander opzigt is dat geboomte schadelijk, omdat
de planten beroofd zijn van de koesterende zonnestralen,
en zij tevens lijden door de regendroppelen, die van de
overhangende takken en bladeren vallen.
Gedurig opsnoeijen en wegnemen van alle overhangende
takken is dus zeer aan te raden.
Meestal bezigt men tot die omplantingen berken , elzen,
wilgen en eiken. Op zand- en veengronden tieren die
beter, dan in zware kleistreken.
Wegens al het aangewezen voor- en nadeel zijn som-
mige bekwame landlieden voor, andere tegen die be-
planting.
Les 6.
De tuin en de akker.
Over het algemeen wordt de tuin anders bewerkt, dan
de akker, maar daarvan heeft men groote voordeelen, die
de meerder moeite ruim vergoeden.
Men spit den grond met de spade zoo diep men wil,
en kan dus alle vruchtbare aarde naar boven brengen,
terwijl men de stijve, harde aardklompen in stukken
slaat, de wortels van onkruid er uit zoekt, en op hoopen