Boekgegevens
Titel: Beknopte aardrijkskundige beschrijving van het koningrijk der Nederlanden en het groothertogdom Luxemburg, benevens een kort overzigt van Nederlands buitenlandsche bezittingen
Auteur: Kruijtbosch, D.J.
Uitgave: Kampen: K. van Hulst, 1858
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5720
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202837
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Nederlandse koloniën, Nederland, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beknopte aardrijkskundige beschrijving van het koningrijk der Nederlanden en het groothertogdom Luxemburg, benevens een kort overzigt van Nederlands buitenlandsche bezittingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
w
21)
DERTIGSTE LES.
De vestingen van ons land zijn: Groningen , Delfzijl,
Koevorden, Deventer, Nijmegen, Doesburg , Zutphen ,
Naarden , Muiden, Gorinchem , Woerden, den Briel,
Hellevoetsluis, Vlissingen, Veere , Neuzen, 's Bosch ,
Breda, Bergen-op-Zoom, Willemstad , Geertruidenberg,
Woudrichem , Grave , Maastricht, Venlo, Stevensweert.
Onder de koopsteden telt men :
Harlingen, Groningen, Zwolle, Deventer, Arnhem,
Nijmegen, Utrecht, Amsterdam, Zaandam , Edam, Hoorn,
Alkmaar, Rotterdam, Dordrecht, Schiedam, Leijden,
Middelburg, Zierikzee, 'sBosch, Maastricht.
De volgende zijn havensteden :
Harlingen, de Lemmer, Groningen, Delfzijl, Zwolle ,
Amsterdam, Medemblik , het Nieuwe diep , Rotterdam,
Dordrecht, Vlaardingen, Hellevoetsluis, Middelburg,
Vlissingen, Zierikzee, Brouwershaven.
Strafplaatsen zijn:
Leeuwarden , de Ommerschans, Loevestein (in vroe-
ger'tijd,) Amsterdam, Medemblik, Hoorn, Rotterdam,
Woerden, Gouda, Leijden, 's Bosch.
OEFENINGEN.
1. Welke zijn de landprovinciën? 10.
2. Welke eilanden liggen in de Noordzee? 3.
3. Welke rivieren ontlasten zich in de Zuiderzee? 5,
7, 8.
4. Waar vindt men rivieren, die denzelfden naam dra-
gen? 5, 6, 7,8.
5. Welk onderscheid is er tusschen eene rivier en een
kanaal?
6. Welke kanalen hebben namen naar de plaatsen,
waar men ze aantreft? 5, 9.
7. Van welke provinciën hebben de hoofdsteden den-
zelfden naam als de provinciën? 10.