Boekgegevens
Titel: Korte natuurlijke historie, in leeslesjes voor de jeugd: een schoolboek
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon
Deventer: J.H. de Lange, 1848
Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5671
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202819
Onderwerp: Biologie: natuurlijke historie
Trefwoord: Natuurlijke historie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korte natuurlijke historie, in leeslesjes voor de jeugd: een schoolboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
( ^i) )
melijk door middel van de wortels, die ook hier-
om, bijna zonder uitzondering, aan alle planten
gemeen zijn; terwijl, voor het overige, de
deelen der planten eene veel minder zekere, be-
paalde en bestendige gedaante hebben , maar over
het geheel veranderlijker zijn, dan zulks bij de
dieren plaats heeft.
De inwendige zamenstelling der gewassen schijnt
echter des te gelijkvorniiger te wezen, daar
men niets van dat alles bij dezelve vindt, wat
men bij de dieren ingewanden noemt, en zij
noch zenuwen, noch spieren, noch beenderen
hebben. Hunne bewerktuiging bepaalt zich,
voornamelijk, algemeen tot tweederlei soort van
valen, en een daartusschen liggend celleweefsel.
De sapvoerende vaten, die alle druipbare vloei-
stoffen bevatten, zijn, inzonderheid ten aanzien
van hunne zamensleliing en rigling, volgens wel-
ke zij de vochten toe- of afvoeren, onderschei-
den. De algemeenste en gewigtigste zijn de toe-
voerende spiraalvaten, met welke de andere
soort van vaten, luchtmien geheeten, als om-
wonden zijn. De luchlvalen bevallen geene? druip-
bare vloeistoffen , maar steeds lucht.
Men heeft bij dit rijk zulk een' waren om-
loop van vochten niet kunnen waarnemen, als
bij do dieren hel geval is; en uit de gelijksoor-
tige gesteldheid van de deelen der gewassen kan
gemakkelijk de verandering of omzetting verklaard
worden, welke bij de gewassen plaats kan heb-
ben ; want men kan boomen omgekeerd in den
grond poten, wanneer hunne takken in wor-
telen, en hunne wortels in gebladerde takken
overgaan.