Boekgegevens
Titel: Korte natuurlijke historie, in leeslesjes voor de jeugd: een schoolboek
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon
Deventer: J.H. de Lange, 1848
Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5671
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202819
Onderwerp: Biologie: natuurlijke historie
Trefwoord: Natuurlijke historie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korte natuurlijke historie, in leeslesjes voor de jeugd: een schoolboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 23 )
ELFDE LES.
Ocer den Mensch.
D e mensch is onder alle schepselen van dezen
aardbol het verhevenste. Zoowel naar zijn iig-
chaam, als inzonderheid naar zijnen geest, die
beide ook voor elkander volkomen berekend
zijn, munt hij boven alle grootelijks uit, en
meer dan één kenmerk biedt zich bij den mensch
aan, om hem van de meest hem nabijkomende
dieren te onderscheiden.
De mensch is een tweehandig, regtop gaand
zoogdier, met eenen redelijken geest bezield,
en dus te dezen opzigte als een tweeslachtig
schepsel aan te merken, dat door zijn ligchaam
tot de dieren, en door zijne redelijke ziel tol
de geesten behoort. — Het eerste heeft al de ei-
genschappen der stof, en is vergankelijk en ster-
felijk; het tweede heeft al de eigenschappen
eens geestes, en is onvergankelijk en eeuwig.
Hij leeft voor twee werelden, en moet voor het
tegenwoordige en toekomstige, voor de aarde
en den hemel, werken.
Hoezeer ook het menschengeslacht, als ge-
heel afstammende van dezelfde stamouders, in
de opgegevene hoofdeigenschappen met elkander
overeenkomt (*), zoo onderscheidt het zich toch
(') Men diene, ter verdera uitbreiding, hierover na Ie
leien BiminBicB, over de aangeborene verscheiden-
heid van het men»chelijk geslacht, 1801, 41« Afd., bl. 244,
eni. En die zich het kostbare Werk van s r o a * t en
xtirii aanschaffen, zullen weldoen, van de schoone
afbeeldingen van den mensch, zoo als hij op den beken-
den aardbol gevonden wordt, der jeugd t« toonen.