Boekgegevens
Titel: Korte natuurlijke historie, in leeslesjes voor de jeugd: een schoolboek
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon
Deventer: J.H. de Lange, 1848
Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5671
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202819
Onderwerp: Biologie: natuurlijke historie
Trefwoord: Natuurlijke historie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korte natuurlijke historie, in leeslesjes voor de jeugd: een schoolboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 7 )
\
buis tot eene bepaalde ruime plaats gaat, in wel-
ke het voedsel gebragt wordt, dat deze schepsels ,
door honger gedreven, met willekeurige bewe-
ging , opnenien. Dat de ligchamen van de eerste
soort alle planten, en van de tweede alle die-
ren zijn, ziet gij nu zelve wel. Alle ligchamen
kunnen dus onder die groote afdeelingen gebrajjt
worden, welke men rijken noemt, en alzoo is
er een dierenrijk, een planten- of groeijend rijk
en een delf stoffelijk of onbewerktuigd rijk.
Dieren zijn derhalve bewerktuigde, levende en
bezielde ligchamen, die hun velerlei onderschei-
den voedsel door willekeurige beweging zoeken,
en hetzelve door den mond in de maag brengen.
Planten zijn bewerktuigde, levende, doch on-
bezielde ligchamen, die hun, over het algemeen
veel meer eenvoudig en gelijksoortig voedsel,
zonder willekeurige beweging, door de wortelen
uit den grond of het water, en door de bladen
uit de lucht, opnemen.
Delfstoffen zijn levenlooze en onbewerktuigde
ligchamen, die zonder levenskracht, door bij-
voeging en van buiten aanzetting van deelen,
volgens Schei- en Natuurkundige wetten ontslaan.
Deze, in den eersten opslag zoo zeer ver-
schillende, ligchamen schijnen nogtans, met eene
oneindige vermenigvuldiging, naar een algemeen
plan gevormd te zijn, en volgen zoo zacht op
elkander, dat men ten aanzien van sommige lig-
chamen verlegen staat, om te bepalen, tot welk
een rijk zij behooren. Er is even zoo een ' al-
gemeen plan en een zachte overgang zigtbaar tus-
schen de onderscheidene ügchamon in ieder rijk <*).
(*) Het nleinv ontdekte zonderhaar zogend Togelbekdier
van Nieuw-Holland heeft de anders te {;roote gnpino; uit-
muntend weggenomen tussch^n de zoogdieren en vogolA.
Mfin zin de beschrijving en afbeelding van hetzelve in d»?
Nat. Vcrh. der Bal. Maatsch.lc Haarlem, 2.1)., 3. St., bi. 177.