Boekgegevens
Titel: Beginselen der meetkunst, benevens vraagstukken en oefeningen ter toepassing
Deel: Eerste stukje
Auteur: Kempees, J.C.J.
Uitgave: Breda: Broese & comp, 1880
14e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5270
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202806
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der meetkunst, benevens vraagstukken en oefeningen ter toepassing
Vorige scan Volgende scanScanned page
Vi. 1 N 11 O n.
§ 9. Een plat vlak is zulk een, waarop eene rechte liju
in alle richtingen past. Vlakken die niet plat ziju ,
noemt men gebogen vlakken.......Bladz. 4.
§ 10. De cirkel-omtrek is eene kromme lijn, die in zich
zelve wederkeert, en wier punten, alle in één plat
vlak gelegen, even ver verwijderd zijn van een in
dat vlak gelegen punt, middelpunt genoemd. Door
den cirkel verstaat men de vlakte-uitgebreidheid,
door die kromme lijn begrensd.
Elke lijn, welkeeenig punt van den cirkel-omtrek
met het middelpunt vereenigt, noemt men een üraal
des cirkels. Elke lijn , welke, door het middelpunt
gaande, in twee punten van den omtrek eindigt,
noemt men eene middellijn des cirkels.
Elk deel van den cirkel-omtrek heet een cirkelboog.
De rechte lijn, die de uiteinden van een boog ver-
eenigt, heet eene koorde.........—
Over de rechte lijii, § 11 — § 17.......— 4.
§ 11. Axioma. Twee gegeven punten kunnen slechts op
ééne wijze door eene rechte lijn vereenigd worden. — 4.
§ 12. Axioma. De deelen eener rechte lijn zijn insgelijks
rechte lijnen............— 5.
Gevolg. Elke rechte lijn kan beschouwd worden
als een deel van eene grootere lijn.....— 5.
§ 13. Bepalikg. Door het verlengen eener rechte lijn
verstaat men het daarbij voegen van andere rechte
lijnen, welke met de reeds bestaande ééne samen-
hangende rechte lijn vormen........— 5.
§ 14. Stelling. Eene rechte lijn kan naar ééne zijde slechts
op eénc wijze verlengd worden.......— 5.
§ 15. Stelling. Wanneer eene rechte lijn zoodanig ge-
plaatst wordt, dat twee van hare punten op eene
andere rechte lijn komen te liggen , dan zullen beide
deze lijnen, aan weerskanten oneindig verlengd,
langs elkaar vallen...........— G.
Gevolgen. 1". De richting eener lijn wordt door
twee punten volkomen bepaald.......— G.
2®. Twee rechte lijnen kunnen elkaar in niet meer dan
één punt snijden...........— 6.
§ 16. Bepaling. Twee lijnen snijden elkaar, wanneer ze
onderling slecht één punt gemeen hebben en ieder
door dat punt heen aan weerszijden verlengd zijn
Zij ontmoeten elkaar, wanneer ze beide of één van