Boekgegevens
Titel: De kleine rekenaar: rekenboekje voor de lagere scholen
Deel: 5e stukje. A. Gewone breuken, (voorbereidende oefeningen)
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1897
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5262
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202799
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De kleine rekenaar: rekenboekje voor de lagere scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
1. Hoe menigmaal zijn 3 halven in 12 halven
begrepen ?
2. Hoe dikwijls zijn | in begrepen ?
3. Hoe menigmaal kan men | van -Y- afnemen ?
4:. Hoe dikwijls is | begrepen in -V-; | in -V-;
\ in I in -V-; ï in -V-?
ä. Dorus heeft ƒ J en Hendrik viermaal zooveel.
Hoeveel heeft Hendrik ?
G. Vul eens in :
I = s; ^^ X 1 = ,; \ =
7 X = 5 X I - s; 4 X I = 5-
7. Hoeveel is3 X 1; 4 X 2 X |; 6 X i; 5 X J?
8. Als ik heb, hoe dikwijls heb ik dan -J ?
O. Hoe menigmaal is | in J-g-^. begrepen ?
10. Vul in:
i + I + I + ^ = .
I + 5 + -5 + I T
11. Vul ook in :
- -V- ,; -V- - dl = - -y- =
12. Als 1 KG rijst ƒ J kost, hoeveel kost dan 4 KG ?
13. -Y- hoe dikwijls is dat ?
14. Als I M laken f 3 kost, hoeveel kost dan
II M of 5 M?
15. Kunt gij zeggen, hoe duur * KG rijst is,
als I KG 18 ct. kost ?