Boekgegevens
Titel: De kleine taalvriend: taaloefeningen voor de lagere school
Deel: 2e stukje
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Tilburg: R.K. Jongens-weeshuis
Amsterdam: F.H.J. Bekker, 1897 *
8e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5239
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202791
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De kleine taalvriend: taaloefeningen voor de lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
47
en breekt. — valt en klettert. — vlamt en knettert..
— praat en lacht. — treurt en weent. — zwoegt
en zweet. — denkt en schrijft. — kookt en dampt,
— krabt en bijt. — mikt en schiet. — danst en
springt. — past en meet. — hamert en smeedt. —
brandt en walmt. — brandt en snort. — draait en
snort. — vliegt en snort. — zwemt en duikt. —
zucht en kermt. — tikt en slaat. — geeuwt en gaapt.
— kronkelt en sist.
Wï^« Schrijf het volgende versje over alsof't geen
versje was. Begin eiken zin op een nieuwen regel
en trek daarbij een lijjiije onder H onderu^erp.
VooiUïEELi): De zon is in een gouden krans van,
wolkjes neergegaan.
Koel, enz.
Zomeravond.
De zon is in een gouden krans
Van w^olkjes neergegaan.
Koel is de lucht. Het windje suist
Door olm- en lindenlaan.
Het mugje speelt in 't'schemerlicht.
De glimworm kruipt door 't gras.
De kever snort. De kikvorsch kwaakt
In treksloot en moeras.
Vlug snelt het bijtje naar haar korf.
Het vogeltje zoekt moe
Zijn nestjen op. Het bloempje sluit
Zijn kleurig kelkje toe.