Boekgegevens
Titel: De kleine taalvriend: taaloefeningen voor de lagere school
Deel: 2e stukje
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Tilburg: R.K. Jongens-weeshuis
Amsterdam: F.H.J. Bekker, 1897 *
8e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5239
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202791
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De kleine taalvriend: taaloefeningen voor de lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
9
m—d k—ken sp—ker verr—zen
f—n •—nde schr—ven geh—m
kl—n bl—ven n—pen str—ken
r—n k—zer r—ger sch—nen
g-t vl—tig h-lig schr—en
O- Slechts weinige woorden worden met au geschreven;:
ziehier de voornaamste :
lauw klauw grauw saus
flauw dauw pauw wenkbrauw
blauw gauw paus nauw
En de woorden, die van deze gemaakt worden :
benauwd mn nauw, blauwsel van blauw , enz.
Val in met ffw of ou.
De Touwslager.
Tusschen de z—tkeet en de bi—wselfabriek staat
het h—ten huisje van den t—-wslaf^er. Het ding is
h—wvallig en versleten ; de —de , gr—we planken
zitten n—welijks meer vast, de balken h—den niet
meer, kortom, het zal g—w heelemaal invallen.
Hoe z— dat toch komen ? Want de t—wslager
paste zoo tr—-w op zijne zaken; aanh—dend was
hij met zijne vr—w daar aan het werk, soms al
voor dag en d—w. Hoe dat komt ? De —de man
heeft eene zware k— gevat en eene hevige be-
n~wdheid op de borst gekregen. Daarom heeft hij
moeten oph—den met zijn werk. De dokter geeft
maar fl—we hoop meer op hei-stel.
Men zegt, dat de br—wer het huisje met het
bijgelegen tuintje zal koopen, om er eene m—terij
te b—wen.