Boekgegevens
Titel: Hulp-acte: schriftelijke werkzaamheden, gevolgd door eenige mondelinge verslagen van de examens, gehouden in April 1894 voor de acte van onderwijzer en onderwijzeres
Auteur: Jong, S. de
Uitgave: Schoonhoven: S. & W.N. van Nooten, 1894
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5150
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202771
Onderwerp: Onderwijs: beroepsonderwijs
Trefwoord: Examenopgaven, Pedagogische academies
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hulp-acte: schriftelijke werkzaamheden, gevolgd door eenige mondelinge verslagen van de examens, gehouden in April 1894 voor de acte van onderwijzer en onderwijzeres
Vorige scan Volgende scanScanned page
56
heden. (Uit de leer der verhondiiigen de bewijzen afleiden.)
»Afleiden van evenredigheden nit andere door vermenig-
vuldigen en deelen. I3ewijs de eigenschappen: we mogen
de overeenkomstige termen van twee evenredigheden op
elkaar deelen of met elkaar vermenigvuldigen. Mogen wij
ze ook l)ij elkaar optellen of van elkaar aftrekken? In welk
geval alleen?
Welke soorten van trapeziums kent gij? Bewijs: de som
der diagonalen van een trapezium is altijd grooter dan de
som der evenwijdige zijden. Wat ontstaat er, wanneer wij
een rechthoekig trapezium om de langste evenwijdige zijde
laten wentelen? Wat, wanneer wij een driehoek om de basis
laten wentelen?
Opvoedkunde.
Hebt gij wel eens jongens zien knutselen? Wat maakten
zij alzoo? Hoe komt het, dat jongens op zeedorpen voor-
namelijk scheepjes inaken en daarentegen, die in het boeren-
land b. V. een klomp trachten te maken? Wat kan ons dit
leeren, met betrekking tot de leerstof? Met welk onderwij»
wordt dan ook in de laagste klasse begonnen? Welk nut
heeft het aanschouwingsonderwijs? Welke vakken worden
nog meer in de laagste klasse onderwezen? Hoe zoudt gij
het getal 6 behandelen? Welke rekenmethode kent gij? Uit
hoeveel stukjes bestaat de methode Wisselink? Wat wordt in
elk stukje behandeld? Hoe is de leergang? Methode Bonman.
Wat verbindt Bouman aan het leesonderwijs? Hoe zoudt gij
kinderen een versje leeren? Zult gij alleen die versjes leeren,
waarvan alle woorden begrepen worden? Waarom niet? Hoe
zult gij woorden verklaren, waarvan de beteekenis niet be-
kend is? Zeg eens een kinderversje op. Welke eischen stelt
gij aan een vraag? Zult gij een vraag aan één leerling of
aan de geheele klasse doen? Waarom? Noem eenige lees-
boekjes voor het voortgezet leesonderwijs. AVanneer kan men
daarmede beginnen?
Kennis der Natuur.
Vertel, wat gij van deze plant weet. (Veronica.) Hoe is
de bloei wijze? Waaraan ziet gij, dat het een middelpunt-
zoekende (tros) is? Noem andere bloeiwijzen. Hoe zijn deze
gevormd? Op welke wijze is het stelsel Linaeus ingericht?
Bij welke planten treffen we aan: tweemachtige, viermachtige,
eenhroederige, twee- of veelhr oeder ige, saamhelmige en helm-