Boekgegevens
Titel: Hulp-acte: schriftelijke werkzaamheden, gevolgd door eenige mondelinge verslagen van de examens, gehouden in April 1894 voor de acte van onderwijzer en onderwijzeres
Auteur: Jong, S. de
Uitgave: Schoonhoven: S. & W.N. van Nooten, 1894
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5150
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202771
Onderwerp: Onderwijs: beroepsonderwijs
Trefwoord: Examenopgaven, Pedagogische academies
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hulp-acte: schriftelijke werkzaamheden, gevolgd door eenige mondelinge verslagen van de examens, gehouden in April 1894 voor de acte van onderwijzer en onderwijzeres
Vorige scan Volgende scanScanned page
29
Geschiedenis.
Stadhouder Willem III vóór 1672. De Negenjarige oorlog.
Geef op hoe oud de verschillende vorsten waren, die over
ons land hebben geregeerd, toen zij den troon beklommen.
Vertel de voornaamste gebeurtenissen tijdens het bestuur van
Willem III. Wanneer zijn de meeste kanalen gegraven?
Wat weet gij van Maria van Bourgondië?
Zang.
Een stukje uit de Zangvogeltjes in de maat lezen en
zingen. Den grondtoon van dit stukje opgeven. Wat is | voor
eene maatsoort? Is | gelijk aan Mag men de | maat ook
niet in drieën slaan? Hoe komt het, dat dit niet mag?
Aardrijksl<unde.
Vergelijk de Schelde met de Maas (oorsprong, strooming,
zijrivieren, voorname steden, landen waar zij doorheen stroomen,
voornaamste producten). De Maas van Maastricht tot 's Her-
togenbosch. Opgeven de zijrivieren, de spoorwegbruggen en
de plaatsen. Opgeven de eilanden, die behooren bij de
Molukken. Tot welke residentie behooren deze eilanden?
Welke producten leveren zij op? Waar liggen: de Barida-
eilanden, de Soela-eilanden, de Choe-eilanden, Boeroe, Ceram,
Goram, Oeliassens, Ambon.
I\latuur.
Vergelijk een gewerveld dier met een gekorveld dier (ge-
raamte, ademhaling, bloedsomloop). Waarom komen bij de
gekorvelde dieren de roode bloedlichaampjes niet voor?
Welken dienst doen de roode bloedlichaampjes? Wijs de
deelen aan van het geraamte van een paard. Noem de namen
van deze planten. (De examinator had eenige exemplaren
van sommige planten vóór zich liggen.) Tot welke familie
behoort deze (het koolzaad)? Welke bloeiwijzen kent gij?
Verklaar den barometer. Mag de omgebogen korte buis ook
wijder zijn dan de langere buis? Verklaar dit. Wijs aan de
vloeistofIcolom die op het grondvlak van een bak drukt,
wanneer de diameter van het grondvlak kleiner is dan die
van het bovenste gedeelte, en wanneer het omgekeerde plaats
heeft. W^at verstaat men door adhesie, cohesie, osmose,
capilariteit ? Waarop moet men bij het vervaardigen van
eene bascule vooral etten?