Boekgegevens
Titel: Hulp-acte: schriftelijke werkzaamheden, gevolgd door eenige mondelinge verslagen van de examens, gehouden in April 1894 voor de acte van onderwijzer en onderwijzeres
Auteur: Jong, S. de
Uitgave: Schoonhoven: S. & W.N. van Nooten, 1894
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5150
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202771
Onderwerp: Onderwijs: beroepsonderwijs
Trefwoord: Examenopgaven, Pedagogische academies
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hulp-acte: schriftelijke werkzaamheden, gevolgd door eenige mondelinge verslagen van de examens, gehouden in April 1894 voor de acte van onderwijzer en onderwijzeres
Vorige scan Volgende scanScanned page
12
{ , 3. Iemand heeft eenige stukken laken van gelijke lengte,
die respectievelijk f 120, 132, ƒ150 en ƒ168 per
stuk kosten. Van de eerste soort verkoopt hij 2 stukken
en 5 Meter, van de tweede soort 4 stukken en 8 Meter, van de
[ derde soort 3 stukken en 11 Meter en van de vierde soort 5 stuk-
ken en 6 Meter, samen voor ƒ 2237,75. Hoe lang was elk stuk ?
j Antwoord: 24 M.
v 4. In te vullen:
25 : 3.2094^ X.....+ 1.4666 enz. x 1,V = 16 : 8^' X 0.0625.
i Antwoord:
V 5. Herleid de volgende evenredigheid tot eene andere,
waarin x alleen in den laatsten term voorkomt:
(3 + ^ X) : 8' = (2—^ X) 2?,.
Antwoord:l:l = 5:a7.
V C. Onderwijs en Opvoeding.
, { Gesteld, dat ge staat aan de laagste klasse eener lagere
I school; hoe zoudt ge het in de eerste weken aanleggen met
"-j kinderen, die pas op de school komen?
■I
D. Aardr(jksl<unde.
1. Het stroomgebied van de Maas.
2. Een kaartje van Zeeland.
7. OVERIJSEL.
A. Nederlandsche Taal.
1. GRAFSCHRIFT OP M. A. DE RUIJTER.
De Ruijter eert dit graf. Wat Ruijter? Die vol gloed
Op 't brieschend waterpaard door vloed en vlam en bloed
En dood naar eeuwige eer, de kroon der helden, streefde.
De schrik des oceaans, waar menig vorst voor beefde,
d' Onwinbre vuist des staats, die viermaal schutte op 't punt
Van zijn geweer den steek, op Hollands hart gemunt,
De waterleeuw, die, wat de zeevaart kwam benauwen.
Versloeg of afsloeg met zijn ijzeren en koop'ren klauwen,
's Lands helder zeelicht, dat al 't aardrijk overstraalt,
Van zee noch kust, van op- noch ondergang bepaald.