Boekgegevens
Titel: Het teekenonderwijs op de lagere school: geschiedenis, doel en methoden, tevens handleiding bij de praktische teekenoefeningen
Auteur: Bouwmeester, B.J.
Uitgave: Leeuwarden: M.O. Jongbloed, 1895
Leeuwarden: Coöperatieve Handelsdrukkerij
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2274
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202737
Onderwerp: Afzonderlijke kunstvormen: tekenkunst: algemeen
Trefwoord: Tekenen, Vakdidactiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het teekenonderwijs op de lagere school: geschiedenis, doel en methoden, tevens handleiding bij de praktische teekenoefeningen
Vorige scan Volgende scanScanned page
grippen van projectie langzamerhand reeds bij de kinderen
aangebracht worden. Teneinde die eerste begrippen bij de
kinderen aan te brengen dient een andere weg Ingeslagen
te worden dan gevolgd wordt in die leerboeken , waarin
de projectieleer speciaal behandeld wordt, hetzij als eene
toepassing van de beschryvende Meetkunde, hetzij als we-
tenschap in dienst van de leer der Perspectief. In die
leerboeken toch worden als eerste oefeningen de meest
abstracte onderwei'pen behandeld, die, hoewel zeer een-
voudig, voor kinderen toch, door het abstracte, zeer moei-
lijk te begrijpen zijn. Punten in de ruimte of lijnen In
verschillende standen mogen als elementen van lichamen
schynbaar de beste aanvangsondervverpen zijn, meer licha-
melijke onderwerpen zullen voor het nog weinig ontwik-
kelde voorstellingsvermogen beter stof ter behandeling blij-
ken te zijn.
Wanneer met een 11- of 12jarigen jongen de vraag
behandeld wordt: hoe zal ik een timmerman door eene
teekening een volkomen juiste uitlegging kunnen geven ,
voor de vervaardiging van een vier- of zeszijdig plankje,
dan zal door de meer tastbare eigenschappen van het
onderwerp en den meer praktischen aard ervan zijn aan-
dacht meer geboeid en de voorstelling meer In zijn bereik
vallen. Beginnen met uitvoering van een In de praktijk
voorkomend onderwerp en daarna verklaring van de bewer-
king zal voor kinderen meer genietbaar zijn dan de afge-
trokken voorstellingen, waarvan niet onmlddelljjk het nut
of de toepassing te zien of te vermoeden is. Een zoo min
mogelijk gebruik maken van de wetenschappelijke termen,
zooals die in leerboeken voor projectieleer voorkomen , is
aan te bevelen. Bij gebruikmaking van voor kinderen ver-
staanbaarder benamingen zorge men echter voor de juist-
heid ervan, opdat deze geen aanleiding kunnen geven tot
verkeerde opvattingen. Namen als „projectievlak, projec-
teerende lijn, as van projectie"', zijn b.v. te vervangen door
, teeken vlak , teekenende lijn, grondlijn". De laatste bena-
ming zou in het algemeen genomen onjuist zijn , doch,
daar In de practische teekenoefeningen al de gegeven onder-