Boekgegevens
Titel: Het teekenonderwijs op de lagere school: geschiedenis, doel en methoden, tevens handleiding bij de praktische teekenoefeningen
Auteur: Bouwmeester, B.J.
Uitgave: Leeuwarden: M.O. Jongbloed, 1895
Leeuwarden: Coöperatieve Handelsdrukkerij
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2274
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202737
Onderwerp: Afzonderlijke kunstvormen: tekenkunst: algemeen
Trefwoord: Tekenen, Vakdidactiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het teekenonderwijs op de lagere school: geschiedenis, doel en methoden, tevens handleiding bij de praktische teekenoefeningen
Vorige scan Volgende scanScanned page
49
XIII. Verslagen der exanien-conimissiën voor de
onderwijzersacten 1891 tot 1891.
Lezen wij eenige verslagen van de examenconnnissiën
voor de onderwijzersacte, voor zoover het de ïeekenkunst
betreft, dan bemerken wij, ,dat er over het algemeen eenige
vooruitgang in de praktische bedrevenheid van het Teeke-
nen naar plaat en ook in het Teekenen naar de natuur
is waar te nemen, doch dat velen in de schets somtijds de
schromelijkste fouten maken. De hoofdregels der perspec-
tief worden daarbij in den regel niet, of zeer slecht toe-
gepast. Een helder doorzicht in de zaak hebben slechts
weinigen. Velen weten perspectievische eigenschappen te
verklaren, maar niet die toe te passen." Geven deze enkele
citaten een overzicht van de gemiddelde hoogte der bedre-
venheid in het Teekenen van onderwijzers der L. S. , de
verslagen der examens voor de Hoofdacte 1891 geven ons
al geen beter denkbeeld van de hoogte, waarop dezen het
in de kunst gebracht hebben. Daaraan toch ontleenen wij
de volgende zinsneden. .Werd in een vorig verslag gewezen
op den onvoldoenden uitslag van het examen in het Teekenen,
ook nu laat de uitslag veel te wenschen over, wat vooral
uitkwam bij de bedrevenheid in het schetsen en schaduwen
naar de natuur van meetk. lichamen. Steeds werden een
platvlakkig en een rond lichaam gegeven , de vaardigheid
liet veel te wenschen over. In vele gevallen bleek, dat de
candidaat de eenvoudigste perspectievische verschijnselen niet
begreep of niet wist op te merken. Menigeen , die een of
ander handboek (over perspectief) goed bestudeerd had ,
begreep niet hoe de kennis van de perspectief hare toe-
passing vindt bij het Teekenen naar de natuur. Dat de
genoemde gebreken bijna algemeen moeten geacht worden,
is, naar de schatting der Commissie, een treurig verschijnsel.
De uitslag was over het algemeen weinig bevredigend enz."
Geef ik hierbij een verslag van onze ervaring, opgedaan
door een belangstellend gadeslaan van de in Noord-Brabant
gehouden onderwijzers-examens 1893 en 94, dan zal daar-
uit blijken , dat wij , die belast waren met het onderzoek
4