Boekgegevens
Titel: Het teekenonderwijs op de lagere school: geschiedenis, doel en methoden, tevens handleiding bij de praktische teekenoefeningen
Auteur: Bouwmeester, B.J.
Uitgave: Leeuwarden: M.O. Jongbloed, 1895
Leeuwarden: Coöperatieve Handelsdrukkerij
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2274
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202737
Onderwerp: Afzonderlijke kunstvormen: tekenkunst: algemeen
Trefwoord: Tekenen, Vakdidactiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het teekenonderwijs op de lagere school: geschiedenis, doel en methoden, tevens handleiding bij de praktische teekenoefeningen
Vorige scan Volgende scanScanned page
46
XI. Het oniainent op de Lagere scliooL
Was vroeger het oog van den Teekenmeester byna uit-
sluitend gevestigd op de schoonheden van het nienschen-
heeld en het byna zijn eenige illusie die schoonheid zijne
leerlingen te doen opmerken en daarvan door lijn en kleur
blijken te doen geven , later begreep hij , dat niet ieder
vatbaar daarvoor is en hij dus zijne eischen wat lager moest
stellen. De groote beweging op kunstnijverheidsgebied wees
hem den weg. Het letten op de kunstnijverheid werd oor-
zaak , dat men in de vlakversieringen van vroegeren en
lateren tijd geschikte voorbeelden voor het Teekenonder-
wijs ging zien. Nu meende men den steen der wijzen ge-
vonden te hebben. Iedereen kan en moet Teekenen leeren,
hoewel hij niet aliijd kunstenaar kan worden, werd de leus.
Bijna ieder handwerk is te brengen onder de rubriek :
„Kunstnijverheid". Bestudeering van het ornament voldoet
zoowel aan den eisch van oefening van oog en hand , als
ook aan de bevoi'dering van de ontwikkeling van het schoon-
heidsgevoel.
Laat ons toch bedenken, dat ook hier velen geroepen zijn,
maar weinigen uitverkoren. Laten de leeraars in het Teeke-
nen toch niet voortgaan met allen tot ornamentisten te
willen maken en daardoor zoovelen hun tijd , dien zij zoo
veel nuttiger konden besteden, te doen verliezen in plaats
van de beoefening der Teekenkunst in veel praktischer zin.
Maar vóór alles , brengt niet alles op de Lagere school,
wat zelfs in de Teekenschool niet bij ieder leerling tot zyn
recht kan komen. Juist in die school beginne men met het
allereenvoudigste en begrijpelijkste, dan zal men nuttig
werkzaam kunnen zijn en de grondslagen leggen voor ver-
dere ontwikkeling, ook in aesthetischen zin , en zal, waar
latere leiding onmogelijk is, toch de stof kunnen leveren
voor praktische toepassing. Wat heeft de leerling der Lagere
volksschool aan een geheele serie motieven voor parket-
vloeren ot andere vlakversieringen, die hij gecopieërd heeft,
zonder misschien ooit in de gelegenheid te zijn dergelijke
kunstvormen te moeten maken , toepassen of zien ? Welk