Boekgegevens
Titel: Rood wit en blauw: lees-, schrijf- en teekenoefeningen voor school en huis
Deel: No. 1
Auteur: Bosman, J.M.H.
Uitgave: Tiel: D. Mijs, 1875
5e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2186
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202726
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Rood wit en blauw: lees-, schrijf- en teekenoefeningen voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
VllK
8. DE MO-LEN.
„Vier groo-te hee-ren ,
„Met lau-gc, wit-te klee-ren ,
„Loo-pen dat ze hij-gen
„En knn-nen eik-aar niet krij-gen.
Ra, ra, wat is dat?" vroeg Kees aan zijn
broer Toon. — „Wel, een mo-len zei Toon.
„Die vier groo-te hee-ren zijn de wie-ken. Die
lan-ge , wit-te klee-ren zijn de zei-len. Die wie-
ken loo-pen eik-aar al-tijd na. Maar zij knn-nen
eik-aar nooit krij-gen. — Nu zal ik ook eens
een raad-sel op-ge-ven. Pas op, hoor. Wan-neer
is de mo-le-naar zon-der hoofd in den mo-len?" —
„Zon-der hoofd!" zei Kees. „Zon-der hoofd !
Wel, dat kan niet, want dan zou hij im-mers
dood zijn." —
„Dat kan wel zei Toon la-chend. „Als de
man het hoofd bui-ten het ven-ster steekt, is
hij toch niet dood ?"