Boekgegevens
Titel: Zesde rekenboekje
Auteur: Bouwman, L.
Uitgave: Groningen: Wed. J. Doesburg, ca. 1865 *
6e dr
Opmerking: VI. Gezelschaps- en menging-rekening, omgekeerde en zamengestelde regel van drieën
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2178
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202719
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zesde rekenboekje
Vorige scan Volgende scanScanned page
8. Iémand mengt 40 kan wijn , van 60 ets. de
kan, 60 kan wijn van 80 ets. de kan en 12| kan water
ondereen. Van welken prijs per kan bekomt hij nu ?
9. Een landman had tarwe van 76,5 Wanneer
hij er twee maal zoo veel bij doet van eene soort, die
79,5 1ï weegt, van welk gewigt zal hij dan bekomen ?
10. Een winkelier had 7 ffi thee, van 3,60
gld. het 'tt'. Hij mengde er 5 ® van een' minderen
prijs onder, waardoor het "tS tbee hem op 3.10 gld.
kwam. Van welken prijs was de tweede partij ?
11. Een boer mengde 18 mud. rogge van 65 ®
onder 12 mud van eene andere soort, die zwaarder
was , zoodat hij nu rogge van 67 S bekwam. Van
welk gewigt was die betere soort ?
12. Een koopman heeft 90 kan brandewijn , van
80 ets. de kan. Hoe veel water moet hij daarbij doen ,
om brandewijn , van 72 ets. de kan, te bekomen ?
13. Een brouwer heeft 4| vat bier, van 6 gul-
den het vat. Hij doet daarbij zoo veel water , dat
hem de kan juist op een' stuiver komt. Hoe veel
water heeft hij er bijgedaan ?
14. Een landman verkocht twee partijen haver,
te zamen groot 4^ last, voor 315 gulden. De eene
partij , groot 21 last, verkocht hij naar 2 gld. het
mud. Hoe veel was de andere partij per mud duurder ?
15. Hoe veel water moet een bierbrouwer voegen
bij 4 vaten bier, van 5,20 gld. het vat en 7,2 vat, van 5
guld. het vat, om bier te bekomen van 4 gld. het vat ?
16. Een graankooper verkocht aan een' bakker een
last rogge , onder voorwaarde , dat de rogge 67® zoude
wegen. Nu heeft de graankooper 18raudvan66i "8
en 7 mud van 69 Van welk gewigt moet hij hier
bij storten, om een last 67 ponds rogge te be-
komen ?
17. Een winkelier had koflBj van 90 ets. het ffi.