Boekgegevens
Titel: Kort overzicht der wiskunde: ten dienste van aanstaande stuurlieden ter koopvaardij
Auteur: Bossche, I.G. van den
Uitgave: Gorinchem: J. Noorduyn en zoon, 1900
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 08-395
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202718
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Wiskunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort overzicht der wiskunde: ten dienste van aanstaande stuurlieden ter koopvaardij
Vorige scan Volgende scanScanned page
26
Straal.
Koorde.
Middellijn.
Booj.
Hoek.
Beenen en
hoekpunt.
Gelijke
hoeken.
Gestrekte
hoek.
Stelling.
Bechte hoek.
Scherpe hoek.
Stompe hoek.
In- en uit-
springende
hoeken.
Hoek maat.
Complement.
Supplement.
Straal is de lijn die het middelpunt met eenig
punt van den omtrek vereenigt.
In denzelfden cirkel zijn alle stralen gelijk.
Koorde is een lijn, die twee punten van den
omtrek verbindt.
Middellijn is een koorde, die door het middelpunt
gaat en dus het dubbel is van den straal.
De straal van den cirkel wordt gewoonlijk aan-
geduid door de letter r (verkorting van radius =
straal) en de middellijn door de letter d (ver-
korting van diameter = middellijn).
Boog is het gedeelte van een cirkelomtrek, door
eene koorde afgesneden. Eigenlijk wordt de cirkel
door eene koorde in twee bogen vei'deeld. Ge-
woonlijk bedoelt men alleen dat deel, dat kleiner
is dan de halve omtrek.
Hoek is een deel van een plat vlak, ingesloten
door twee lijnen, die elkaar ontmoeten.
De grootte van den hoek hangt af van het ver-
schil in richting der lijnen.
De lijnen, die den hoek vormen, noemt men de
beenen en 't punt waar zij elkaar ontmoeten het
hoekpunt van den hoek.
Twee hoeken zijn even groot, als ze zoo op elkaar
geplaatst kunnen worden, dat zij hoekpunt en
beenen gemeen hebben.
Gestrekte hoek is een hoek, waarvan de beenen
in eikaars verlengde vallen.
Alle gestrekte hoeken zijn even groot.
Rechte hoek is de helft van een gestrekten en
dus ook alle rechte hoeken zijn even groot.
Scherpe hoek is een hoek, kleiner dan een rechte.
Stompe hoek is een hoek, grooter dan een rechte
en kleiner dan een gestrekte hoek.
Inspringende hoeken zijn grooter dan oen ge-
strekte; alle overigen zijn uitspringende.
De rechte hoek is de eenheid van hoekmaat en
verdeeld in 90 graden. Iedere graad in 60 mi-
muten en iedere minuut in 60 sokenden.
Complement van een hoek, is de hoek, dien men bij
den eersten moet voegen om een rechten te vormen.
Supplement van een hoek, is de hoek, dien men
bij den eersten moet voegen om een gestrekten
te vormen.
Suplement en complement van denzelfden hoek
verschillen een rechte.
Gelijke hoekon hebben gelijke supplementen en
complementen.