Boekgegevens
Titel: Schetsen uit het natuurleven: een leesboek voor scholen
Auteur: Hiecke, Robert Heinrich; Brugsma, Berend
Uitgave: Te Groningen: bij J.B. Wolters, 1861
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4599
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202691
Onderwerp: Biologie: natuurlijke historie
Trefwoord: Natuurlijke historie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Schetsen uit het natuurleven: een leesboek voor scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
86
HET PAAKD.
drom opeen, met de zwaksten in het midden, en verdedigen
zich dan zoo dapper met hunne hoeven, dat de aanvallef
niet zelden een doodelijken slag ontvangt.
Zoo dikwijls een inwoner een paard noodig heeft, veree-
nigt hij zich met zijne bekenden tot eene jagt. Zij bestijgen
dan goed gedresseerde tamme paarden en zoeken in de na-
bijheid vïvn eene kudde te komen, wat echter wegens de
schuwheid en snelheid der dieren niet gemakkelijk is. Ieder
jager kiest dan een tot zijn doelwit, en werpt het een lede-
ren, met lood bezwaarden slinger om hals of pooten, ter-
wijl hij zijn eigen paard in galop brengt en het gejaagde
dier alzoo met zich over de vlakte tracht^voort te slepen.
"Vruchteloos poogt dit zich van den slinger te bevrijden;
weldra valt het, wordt met touwen gekneveld en vervolgens
door hongerlijden en zweepslagen gemakkelijk getemd. Niet zel-
den gaan ook de inboorlingen op de jagt, om z-ich meester te
maken van de huid en het vet der wilde paarden. Honderde
worden er dan met dit doel gedood, en hun vleesch en hunne
ingewanden aan de roofvogels en wilde dieren prijs gegeven.
De paarden hebben den mensch niet alleen in de heetste,
maar ook in de koudste landen vergezeld ; doch het verschil
van klimaat en weersgesteldheid, van behandeling en ver-
zorging heeft grooten invloed op hen gehad. Vandaar ziju
er thans bijkans even zoo vele verschillende paardenrassen
als landen, waarin zij hun verblijf houden. Sommige paar-
den, zoo als de Eussische, Poolsche en Noorweegsche, zijn
klein; ja, die van de Shetlandsche eilanden en van Sardinië,
hitten genaamd, zijn meerendeels weinig grooter dan een
groote hond, en leven, even als deze, met hunnen meester
in hetzelfde vertrek. Andere zijn groot en sterk van lig-
chaamsbouw , gelijk die, welke men voor de brouwerijen in
Engeland cn in de steenkolenmijnen aldaar gebruikt. Nog