Boekgegevens
Titel: Schetsen uit het natuurleven: een leesboek voor scholen
Auteur: Hiecke, Robert Heinrich; Brugsma, Berend
Uitgave: Te Groningen: bij J.B. Wolters, 1861
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4599
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202691
Onderwerp: Biologie: natuurlijke historie
Trefwoord: Natuurlijke historie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Schetsen uit het natuurleven: een leesboek voor scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
84 DE GEMS.
vrienden of naburen hebben zijn graf gedolven; verminkt en
verbrijzeld ligt hij in eene onbekende grot of in een peil-
loozen afgrond en verstrekt daar den roofvogels tot spijze.
IIKT PAABtU.
In de oudste boeken des Bijbels wordt ons verhaald,
dat de Israëlieten herders waren, wier rijkdom alleen in
kadden van runderen, schapen en geiten bestond. Met deze
trokken zij van de eene plaats naar de andere, en waar zij
heldere beken en rivieren en welige weiden vonden, daar
sloegen zij hunne tenten op en bleven er zoo lang, totdat
die weiden [afgegraasd waren. Zoo zwierven Abraham en
Loth in Palestina rond; zoo Izaak en Jakob met zijne zonen.
Maar hoe grooter de enkele huisgezinnen en hoe talrijker
hunne kudden werden, des te ligter ontstond er twist tus-
schen deze menschen, zoo als ons dit onder anderen van
Abrahams en Loths herders uit den Bijbel bekend is. Ein-
delijk moesten de bewoners des lands deze zwervende leefwijze
wegens gebrek aan ruimte geheel vaarwel zeggen; zij moesten
zich vaste woonplaatsen kiezen en tot hun onderhoud het land
bebouwen. Zoo werden de Israëlieten van omzwervende her-
ders een landbouwend volk; en ditzelfde verschijnsel treffen wij
mede aan in de geschiedenis van bijkans alle beschaafde volken.
Doch nu begonnen de menschen ook handel met elkander
te drijven; zij verkochten, wat de akkers hun in ruimen
overvloed opgeleverd, en kochten of ruilden daarvoor zulke
zaken in, als ze noodig hadden. Wilden zij hunne koop-
waren in verafgelegene landen aan den man brengen, dan
moesten zij nu ook dikwijls groote reizen ondernemen. Voorts
geraakten de volken niet zelden met elkander in oorlog over
het bezit van landerijen. Maar noch tot hunne beroepsrei-