Boekgegevens
Titel: Schetsen uit het natuurleven: een leesboek voor scholen
Auteur: Hiecke, Robert Heinrich; Brugsma, Berend
Uitgave: Te Groningen: bij J.B. Wolters, 1861
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4599
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202691
Onderwerp: Biologie: natuurlijke historie
Trefwoord: Natuurlijke historie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Schetsen uit het natuurleven: een leesboek voor scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
78 DE KAMEEL.
en jammerend uitroept: O, mijn kameel, wie zal mij be-
schermen, wie mijne kinderen van voedsel voorzien, wan-
neer gij, mijn trouwe kameel, mij door den dood wordt
ontrukt.
In het midden van Europa verheft zich eene hooge berg-
keten, de Alpen, die zich van het westen ver naar het oos-
ten uitstrekt. Wanneer men uit de noordelijke vlakte van
Italië tot de getakte kruinen dezer bergen opstijgt, dan komt
men eerst door geurige oranjeboschjes en olijvenplantaadjes,
op meerdere hoogte door kastanje- en eikenwouden, vervol-
gens bij breedgetakte beukenboomen, en nog hooger onder
de donkere schaduwen van pijnen, dennen en lorkenboomen.
Doch weldra verdwijnen ook deze en maken plaats voor
lage, nederige planten, welke den bergkorst opkruipen tot
die ijzige oorden, waar eene nimmer smeltende sneeuw, die
daar de hooge kruinen bedekt, aan allen plantengroei een
einde maakt. Gedurende den kortstondigen zomer bedekken
de lager liggende, door sneeuw- en ijsvelden begrensde Al-
penweiden zich met frissche, sappige kruiden, wier bloesems
met de schoonste en helderste kleuren zijn versierd. Zelfs
deze streken zijn nog door dieren bewoond. Däär spi'ingt
de gems van berg tot berg, van klip op klip, tevreden met
het karige voedsel, dat de natuur heur daar aanbiedt.
De gemzen hebben de grootte en de gedaante van eene
geit; haar ligchaam is echter korter, meer ineen gedrongen
en met een bruinkleurig haar bedekt; terwijl hare zwarte
horens regtop .staan en haaksgewijze naar achteren zijn ge-
bogen. Zij leven meest in groote kudden van twintig en
meer bij elkander. Wanneer zij grazen, staat er altijd eene
op eene vooruitspringende rots op schildwacht. Deze, even