Boekgegevens
Titel: Schetsen uit het natuurleven: een leesboek voor scholen
Auteur: Hiecke, Robert Heinrich; Brugsma, Berend
Uitgave: Te Groningen: bij J.B. Wolters, 1861
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4599
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202691
Onderwerp: Biologie: natuurlijke historie
Trefwoord: Natuurlijke historie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Schetsen uit het natuurleven: een leesboek voor scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
16
de zaadkorrel.
en Iaat het door zija' valscherm altijd zoo regt naar beneden
vallen, dat de scherm nimmer het eerst de aarde raakt. Nog
andere zaadjes zijn in eene kogelronde zaaddoos gesloten. Deze
doos maakt zich, als de zaadjes rijp zijn, van den stengel
los en rolt, door den wind in beweging gebragt, zoo lang
voort, tot zij ergens liggen blijft. Weldra opent zij zich,
en nu stijgen onze reizigers welgemoed uit bunnen wagen
en betreden het vreemde oord.
Ook zonder zulke reisgelegenheden verspreiden zich de
zaadkorrels over de aarde. In den herfst namelijk, waanneer
de tijd van het reizen voor de vogels en de zaadkorrels be-
gint, krijgt ook de wind den meesten reislust. Dan ruischt
hij door struik en boom met zulk een geweld, alsof hij al-
les met zich wilde voortslepen. De boom siddert en beeft,
zijne takken buigen zich, zwaaijen links en regts, en zie-
daar, hij zelf strooit nu, als een reusachtige zaadzaaijer, het
zaad in wijde kringen rondom zich uit op de aarde. Doch
niet alleen over land en door de lucht maken onze zaadkor-
rels zulke reizen; neen, ook over water. Hoe menig zaadje
wordt niet door beek en rivier opgenomen en door deze
verre van de plaats, waar zij zich te water begeven heb-
ben, weder aan land gezet. Zelfs over den grooten Atlan-
tischen oceaan, van Amerika naar Europa, komen jaarlijks
vele van die reizigers, en landen ongemerkt aan lerlands kus-
ten en op de Schotsche eilanden. Zeer dikwijls ontmoet een
koopman , die met zijn schip de groote wereldzee doorklieft,
een reizende kokosnoot, die op de baren der zee rondhup-
pelt. Lang ziet hij haar na en verheugt zich in heur vaart,
totdat hij haar eindelijk uit het gezigt verliest. Doch ook
deze noot heeft hare bestemming. Eene bruisende golf
werpt haar op een klein , nog boomloos eiland, en eer een jaar
is verstreken , is de harde schaal opengebroken. Een kleine