Boekgegevens
Titel: Gedichtjes voor kinderen uit behoeftigen stand
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Amsterdam: J.H. en G. van Heteren, 1863
5e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4054
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202685
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Kindergedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Gedichtjes voor kinderen uit behoeftigen stand
Vorige scan Volgende scanScanned page
50
AVONDBEDE.
'k Dank U, Vader in den hoojjen!
Op mijn knietjes neergebogen,
Voor uw zorg en Vadermin;
Heb ik weer op nieuw misdreven,
'kWeet, Gij wilt het graag vergeven;
'k Sluimer daarop rustig in.
Duizend nachten lag ik neder,
Duizend morgens keerden weder,
Nooit verliet me uw hoede en wacht;
Neen, ik heb geen kwaad te vreezen;
Gij zult mijn bewaker wezen.
Vader! ja ook dezen nacht.
MORGENBEDE.
Ik dank U, God! met hart en mond.
Nu 'k in den lieven morgenstond
Op nieuw gezond ontwaakte;
Toen niemand, in den donkren nacht,
Aan mij, een weerloos kindje, dacht,
Hieldt Gij, Gij zelf voor mij de wacht,
Dat mij geen onheil naakte.