Boekgegevens
Titel: Gedichtjes voor kinderen uit behoeftigen stand
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Amsterdam: J.H. en G. van Heteren, 1863
5e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4054
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202685
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Kindergedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Gedichtjes voor kinderen uit behoeftigen stand
Vorige scan Volgende scanScanned page
45
AI heb ik, kind! hier veel verdriet.
Ik zucht en klaag daarover niet,
Toch zing ik vroeg, toch zing ik laat;
Want, zie! ik deed geen 't minste kwaad
Die braaf is en goed,
Is meest welgemoed,
En zingt wel een lied.
Al heeft hij verdriet.
GODS ALWETENDHEID,
Heilig, heilig is de Heere,
Heilig, heilig zijn gebod,
En dat Heilig Heilig wezen,
Is ook een Alwetend God.
Of het dag of nacht moog' wezen ,
Altijd is Hij aan mijn zij;
Of ik goed of kwaad bedrijve,
Altijd hoort en ziet Hij mij,
O ! mogt ik het nooit vergeten ,
(t Harte beeft mij van ontzag) ,
Dat Hij alles nog zal weten
Op den groolen Oordeelsdag.
4