Boekgegevens
Titel: Gedichtjes voor kinderen uit behoeftigen stand
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Amsterdam: J.H. en G. van Heteren, 1863
5e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4054
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202685
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Kindergedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Gedichtjes voor kinderen uit behoeftigen stand
Vorige scan Volgende scanScanned page
20
De vojjel zingt,
Dc vogel springi;
Ook ik wil vrolijk leven.
Maar kan ik dil wel zonder deugd?
Neen! zij alleen kan ware vreugd
Aan kind en grijsaard geven.
LEER TOCH IN UWE JEUGD.
Jan dc lapper in de buurt,
Als men hem eens srlioenen stuurt.
Om een weinigje op Ie knappen,
Kan ter naauwernood zc lappen ;
Hoe hij vroeg of laat zich weert.
Meestal gaat zijn werk verkeerd.
Kaatje ginds uit dc achterstraat,
Die geslaüg uit naaijen gaat.
Kan u beier wat vertellen
Dan een jak of rok verstellen ;
En maakt ze eens een heel nieuw stuk,
Ach, wat is zij dan een kruk!
Hein, die lange bakkersknecht.
Leest cn schrijft ellendig slecht;
Hoe toch kau het moogiijk wezen