Boekgegevens
Titel: Gemakkelijk leesboekje ten dienste der katholieke jeugd bevattende leesoefeningen van eenlettergrepige woorden
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Tilburg: R.K. Jongens-Weeshuis, 1881
9e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4044
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202681
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Gemakkelijk leesboekje ten dienste der katholieke jeugd bevattende leesoefeningen van eenlettergrepige woorden
Vorige scan Volgende scanScanned page
31
dan een rijk heer, die toch ook maar
een menscA is, zoo als wij zijn? — praat
of speel dan nooit als gij bidt, al zijt gij
niet in de kerk ; te huis of in de school
past dit ook niet. — een kind , dat lacht
en speelt als het bidt, is niet braaf en
God houdt niet veel van zulk een kind.
als gij bidt, denk dan aan God, die bij
u is; hij hoort en ziet, al wat gij zegt
en doet.
50
Er is niets, dat God niet weet. er is
geen plaats, waar hij u niet ziet. al
waart gij heel diep in den grond. God
zou u daar toch zien. — waar de menscA
niets meer zien kan, daar ziet God nog,
in den nacht zoo goed als bij den dag.—
denk dus steeds aan de spreuk: God ziet
mij, en gij zult nooit kwaad doen. — wie
is zoo groot, wie is zoo wijs als God?—
de menscA leert lang eer hij iets weet,
en dan weet hij nog niet veel. is het
ook zoo met God ? — wat is toch de
mensch klein, als men aan God denkt!