Boekgegevens
Titel: Gemakkelijk leesboekje ten dienste der katholieke jeugd bevattende leesoefeningen van eenlettergrepige woorden
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Tilburg: R.K. Jongens-Weeshuis, 1881
9e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4044
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202681
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Gemakkelijk leesboekje ten dienste der katholieke jeugd bevattende leesoefeningen van eenlettergrepige woorden
Vorige scan Volgende scanScanned page
23
36.
Ik ken een man, die des nachts nooit
slaapt. Hij gaat dan door de stad, en houdt
de wacht, als wij in de rust zijn. hij
roept ook wel eens hoe laat het is. — ik
word bang als ik het hoor; die man
schreeuwt zoo raar, en het is dan zoo
stil. doet die man dat voor niets ? — wel
neen, dan zou hij wel dwaas zijn ; hij
krijgt daar geld voor van de stad. — ik
ben blij, dat die man des nachts waakt;
hij houdt den dief van het huis.
37.
Kees! kees! leg dat mes uit uw hand, en
speel er niet mee; ik kan niet zien, dat
een kind een mes in de hand neemt. —
maar, mie, dat mes is toch niet scherp, —
dat kan wel zijn, kees, maar hoor! ik
las laatst van een kind, dat ook een mes
in de hand had; dat mes was ook niet scherp:
het was bot. toen dat kind met het mes op
de straat liep, viel het op den grond. — het
stak met de punt van het mes in zijn