Boekgegevens
Titel: Gemakkelijk leesboekje ten dienste der katholieke jeugd bevattende leesoefeningen van eenlettergrepige woorden
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Tilburg: R.K. Jongens-Weeshuis, 1881
9e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4044
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202681
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Gemakkelijk leesboekje ten dienste der katholieke jeugd bevattende leesoefeningen van eenlettergrepige woorden
Vorige scan Volgende scanScanned page
16
21.
Ik ken een man, die doof en stom is.
hij stond laatst op de straat; ik vroeg hem
iets, en hij zei geen woord. Ik werd
kwaad , wijl hij niet sprak. — een man ,
die er bij stond zag mij aan, en vroeg :
weet gij niet, dat die man niet hoort,
wat gij zegt ? hij is doof en hoort niets,
al roept gij nog zoo hard; ook spreekt
hij niet, wijl hij stom is. — de man, die
doof en stom was, stak nu de hand uit,
als of hij iets vroeg. — ik gaf hem niets,
wijl ik geen geld in mijn zak had; en
dat speet mij zeer.
25.
Vóór een dag of acht kwam ik in het
huis van den smid. het was nog vroeg en
zijn zoon jan stond juist op. — ik dacht:
wat ben ik blij; nu kan ik eens zien wat
jan doet als hij op staat. Ik hield mij als
of ik niets zag, maar ik keek goed. —