Boekgegevens
Titel: De voornaamste bepalingen en wetten in de anorganische scheikunde: met vraagstukken, die er op betrekking hebben
Auteur: Enklaar, Johannes Eliza
Uitgave: Deventer: W.F.P. Enklaar, 1895
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3581
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202656
Onderwerp: Scheikunde: anorganische chemie: algemeen
Trefwoord: Anorganische chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De voornaamste bepalingen en wetten in de anorganische scheikunde: met vraagstukken, die er op betrekking hebben
Vorige scan Volgende scanScanned page
45
No. 50. In een fabriek, waarin uit bariumperoxyde zuurstof
bereid wordt, laat men, als de temperatuur 700" bereikt heeft,
10 maal de overdruk van atmosfeer afwisselen met een
drukking van 5 cM. kwik. Hoeveel L. zuurstof zou per KG.
bariumoxyde opgevangen kunnen zijn, als het bariumperoxyde
telkens volkomen ontleed en volkomen geregenereerd was.
Men verkrijgt 10 L. zuurstof per KG. baryt bij elke bewerking.
Hoeveel proc. van de mol. BaOa worden telkens gedissocieerd?
No. 51. Bineau vond bij een bepaalde temperatuur voor
de dampdichtheid van ammoniumchloride ten opzichte van lucht
0,89. Welk moleculair gewicht wordt hieruit afgeleid? Kan
dit het juiste zijn? In welke betrekking staat dit moleculair
gewicht tot dat van chloorwaterstof en ammonia? Is het ver-
schijnsel door dissociatie te verklaren? Zoo ja, hoe ver zou de
dissociatie dan wel omstreeks voortgeschreden moeten geweest zijn?
Deville en Troost vonden voor de dampdichtheid van
ammoniumchloride ten opzichte van lucht bij 350" 1,01. Als
toen in de ruimte moleculen NH^Cl, NHs en HCl waren, in
welke volumverhouding moesten deze stoffen dan aanwezig zijn?
Hoeveel moleculen van ammoniumchloride waren dan gedissocieerd?
No. 52. Cahours vond bij een bepaling der dampdichtheid
van phosphorpentachloride bij 300" ten opzichte van lucht
3,65. Er had dissociatie plaats gehad in phosphortrichloride en
chloor. Ongeveer in welke verhouding waren de moleculen der
oorspronkelijke stof en van de dissociatie-producten aanwezig?
Bij 182® is de dampdichtheid volgens denzelfden onderzoeker
5,08. Hoe moet men nu ongeveer de verhouding tusschen het
aantal moleculen der verschillende stoffen (PClj, PCls en Ch)
aannemen ?
No. 53. Carbaminzuurammonium dissocieert in ammonia
en koolstofdioxyde. Als de dissociatie volledig is, wordt volgens
Cahours de dampdichtheid ten opzichte van lucht aangegeven
door het cijfer 0,90. Welke is de verhouding der volumen
ammonia en koolstofdioxyde, waarin de stof gedissocieerd is?