Boekgegevens
Titel: Bijbelsch leesboek: bevattende een uittreksel der geschiedenissen, voorkomende in de boeken des O. en N. verbonds, woordelijk overgenomen uit de gewone vertaling des bijbels
Deel: 9e stukje Geschiedenissen uit de Handelingen der apostelen, beschreven door Lukas
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Zutpen: W.J. Thieme, 1838
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2701
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202640
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Bijbelsch leesboek: bevattende een uittreksel der geschiedenissen, voorkomende in de boeken des O. en N. verbonds, woordelijk overgenomen uit de gewone vertaling des bijbels
Vorige scan Volgende scanScanned page
Hand. XXIII. 80
waardig, gedaan liad , en dewijl hij ook zeli
zich op den Keizer beroepen lieeft, heb besloten
hem te zenden. 26 Van welken ik niets zekers
heb aan den Heer {den Keizer) te schrijven 5 daar-
om heb ik hem voor uiieden voorgebragt, en
meest voor u, koning Agrippa! opdat ik, na
gedane onderzoeking, wat hebbe te schrijven.
27 Want het dunkt mij tegen reden, eenen gevan-
gene te zenden, én niet ook de beschuldigingen,
die tegen hem zijn , te kennen te geven.
XXVI. 1 En Agrippa zeide tot Pauius: het
is u geoorloofd voor u zeiven te spreken.- Toen
strekte Paulus'de hand uit, en verantwoordde
zich aldus : 2 ik acht mij zeiven gelukkig, o ko-
ning Agrippa! dat ik mij heden voor u zal ver-
antwoorden van alles, waarover ik van de Jo-
den beschuldigd word. 3 Allermeest , dewijl ik
weet, dat gij kennis hebt van alle gewoonten
en vragen, die onder de Joden zijn. Daarom
bid ik u, dat gij mij lankmoediglijk hoort.
.9 Ik meende waarlijk bij mij zeiven, dat ik te-
gen den naam van Jezus van Nazareth 'vele we-
derpartljdige dingen moest doen. 10 Het welk
ik ook gedaan heb te Jeruzalem, en ik heb ve-
len van de heiligen in de gevangenissen geslo-
ten , de magt van de Overpriesters ontvangen
hebbende; en als zij omgebragt werden , stemde
ik het toe. En door al de synagogen heb ik
ze dikmaals gestraft, en gedwongen te lasteren;
en boven mate tegen hen woedende, heb ik ze
vervojgd, ook tot in de buitralandsche steden.
12 Waarover ook als ik naar Damaskus reisde,
inet magt en last, welke ik van de Overpriesters
had, zag ik, 0 koning! in het midden van
den dag op den weg een licht boven den glans
der zon, van den hemel mij en degenen, die