Boekgegevens
Titel: Bijbelsch leesboek: bevattende een uittreksel der geschiedenissen, voorkomende in de boeken des O. en N. verbonds, woordelijk overgenomen uit de gewone vertaling des bijbels
Deel: 9e stukje Geschiedenissen uit de Handelingen der apostelen, beschreven door Lukas
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Zutpen: W.J. Thieme, 1838
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2701
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202640
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Bijbelsch leesboek: bevattende een uittreksel der geschiedenissen, voorkomende in de boeken des O. en N. verbonds, woordelijk overgenomen uit de gewone vertaling des bijbels
Vorige scan Volgende scanScanned page
T
Hand. XXIII. 59
als deze dingen volbragt waren, natn Paulus
voor in den geest, Macedonië en Achaje door-
gegaan hebbende, naar Jeruzalem te reizen, zeg-
gende: nadat ik aldaar zal geweest zijn , i moet
ik óok Rome zien. 22 En als hij naar Macedo-
nië gezonden had.twee van degenen, die hem
dienden, namelijk Timotheüs en Erastus, ibleef
hij zelf een tijdlang in-Azië.
Oproer ran Demetrius.
23 Maar op denzelfden tijd ontstond daar geene
kleine beroerte, van wege den weg des Heeren.
24 Want een, met name Demetrius, een zilversmid,
die kleine zilveren tempelen van Diana maakte, bragt
aan die van die kunst geen klein gewin toe. 25 VVel-
ke hij te zamen vergaderd hebbende, met de
handwerkers van dergelijke dingen, zei>!e hij:
mannen! gij weet, dat wij uit dit gewin onze
welvaart hebben. 26 En gij ziet en hoort, dat
deze Paulus veel volk, niet alleen van Efese,
maar ook bijna van geheel Azië overreedt, en
afgekeerd heeft, zeggende: dat het geene Goden
zijn, die met handen gemaakt worden. 27 En wij
zijn niet alleen in' gevaar, dat dit deel in ver-
achting komt, maar dat ook de tempel van de
groote godin Diana als niets geacht zal worden ,
en dat ook hare majesteit zal te onder gaan ,
aan welke gansch Azië en de geheele wereld
gods(lienst bewijst. 28 Als zij nu dit hoorden ,
werden zij vol van toornigheid, en riepen, zeg-
gende: groot is de Diana der Efeseren! 29 Én
de geheele stad werd voi verwarring, en zij lie-
pen met een gedruisch eendragtelijk naar de
schouwplaats, met zich .trekkende Gajus en A-
ristarchiis ,'Macedoniërs , Paulus medegezellen ,op
de réis. 30 En als Paulus tot het volk wikb