Boekgegevens
Titel: Bijbelsch leesboek: bevattende een uittreksel der geschiedenissen, voorkomende in de boeken des O. en N. verbonds, woordelijk overgenomen uit de gewone vertaling des bijbels
Deel: 9e stukje Geschiedenissen uit de Handelingen der apostelen, beschreven door Lukas
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Zutpen: W.J. Thieme, 1838
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2701
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202640
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Bijbelsch leesboek: bevattende een uittreksel der geschiedenissen, voorkomende in de boeken des O. en N. verbonds, woordelijk overgenomen uit de gewone vertaling des bijbels
Vorige scan Volgende scanScanned page
Hand. XVI.
48
in den nacht een gezigt gezien: daar was een
Macedonisch man staande, die hem bad, en
zeide; kom over in Macedonië en help ons !
10 Als hij nu dit gezigt gezien had, zoo zoch'
ten wij terstond naar Macedonië, te reizen, be-
sluitende daaruit, dat ons de fleer geroepen had,
om denzelven het Evangelie te verkondigen.
11 Van Troäs dan afgevaren zijnde, liepen wij
regt naar Samothracië, en den volgenden dag
naar Neüpolis. 12 En van daar naar Filippi,
welke is de eerste stad dezes deels van Macedo-
nië, eene kolonie. En wij onthielden ons in
die stad ettelijke dagen.
Verblijf te Filippi. — Lydia.
13 En op den dag des Sabbaths gingen wij
buiten de stad aan de rivier, daar het gebed
plagt te geschieden; en nedergezeten zijnde,
spraken wij tot de vrouwen, die zamen gekomen
waren. 14 En eene zekere vrouw, met name
Lydia, eene purperverkoopster van de stad Thy-
atira, die God diende, hoorde ons, welker hart
de Meer heeft geopend, dat zij acht nam op het
geen van Paulus gesproken werd. 15 En als zij
gedoopt was en haar huis , bad zij ons, zeggen-
de : indien gij hebt geoordeeld, dat ik den Heer
getrouw ben, zoo komt in mijn huis, en blijft
er. En zij dwong ons.
I
De waarzeggende geest.
16 En het geschiedde, als wij tot het gebed
heen gingen, dat eene zekere dienstmaagd , heb-
bende eenen waarzeggenden geest, ons ontmoet-
te , welke haren heeren groot gewin toebragt met
waarzeggen, l' Dezelve volgde Paulus en ons
achterna, en riep, zeggende; deze menschen