Boekgegevens
Titel: Hoor, hoe ik lees!: allereerste leesoefeningen voor de volksschool
Auteur: Bouwmeester, J.C.
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1901-1905
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2239
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202620
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hoor, hoe ik lees!: allereerste leesoefeningen voor de volksschool
Vorige scan Volgende scanScanned page
Nu, vindt gij dat niet knap voor -i^pis je^
van drie jaar?

Wat Geer te nog meer kan.
Geer te kan ook al aar dig bab be len, als
ze mee gaat Avandelen. Dan staat haar mondje
geen oo gen blik stil. Dat is heel ge zei lig.
Nog veel meer kan ze doen.
Gij moest haar eens hoo ren zin gen. Me-
ni ge knaap van acht jaar kan het niet be ter.
En dan sen kan ze, dat het liefhebberij is,
om te zien. Nog geen polka; o, neen; maar
met twee bee nen te ge lijk, en dan hoe har-
der, hoe mooier. Hopsa, hopsa, ho]) sa sa!
Zij is er wat trotsch op, en roept tel kens:
„Zusje is al ee ne groo te meid! Is 't niet
Moe?"
En zij geeft dok al wat. Ja, wat denkt gij?
Zij geeft veel druk te; zij geeft veel vroo-
lijk heid in huis en aan va der, moe der, broer,
vrien den en vrien din nen heel veel lek ke re
kus jes.
Wat zegt ge nu wel van die kleine meid?
Nu volgt er nog een liedje, dat Geer te zingt,
als zij zoo aan het dan sen is.
Bouwji. Hoor hoe Ik lees! 2e st 4e dr- O