Boekgegevens
Titel: Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Auteur: Bosch, J.H. van den
Uitgave: Utrecht: H. Honig, 1896
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-239
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202619
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bloemlezingen (vorm), Leermiddelen (vorm), Bellettrie (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Vorige scan Volgende scanScanned page
75
toe verlustigd door het schouwspel van zynen lieven Ilaegh;
Temple, twintig of dertig mijlen yerre van de hoofdstad
verwijderd, en ter nood, van tijd tot tijd, door eenige
weinige vrienden, slechts bijwijlen door dezen of genen
vreemdeling bezocht, „om eens een kykje te nemen van
„den stichter der Triple-Alliantie."
Wij hebben nog van de treffendste tegenstelling niet
gewaagd, den toestand, waarin ieder hunner de Letter-
kunde zijns Lands achterliet, de bestemming, aan ieder
van deze beschoren. „Temple," in de zijne slechts een
vernuft van deu tweeden rang, „Temple," lazen wij onlangs,
„had op Moor-Park een eccentrische, grillige, onaangename
„jonge Ier, die een volksloop te Dublin ter naauwer nood
„ontkomen was, tot amanuensis, voor twintig 2^0M«c?sjaar-
„lijksch inkomen en den kost. Die jonkman zat ten disch
„aan met de ondergeschikten des huizes; die jonkman
„schreef slechte verzen tot lof zijns meesters; die jonk-
„man maakte een aardig, donkeroogig, jong kamermeisje
„van een van Sir William's verwanten zijn hof. Welligt
„zag ook Temple niet meer in dien jonkman, zeker ver-
„moedde hij weinig, dat er onder het ruwe, het terug-
„stootend uiterlijk van dien afhangeling een genie school,
„even geschikt om aan den staatkundigen, als aan den
„letterkundigen hemel te schitteren, een genie, bestemd
„om groote rijken te schokken, om millioenen te doen
„schateren en millioenen te doen knarsetanden, om het
„nageslacht gedenkstukken na te laten, die gewaardeerd
„zullen worden, zoo lang de Engelsche tongslag leven zal.
„Weinig vermoedde hij, dat die vrijerij in de hal zijner
„dienstboden, welke hem misschien naauwelijks waardig
„scheen tot voorwerp zijner scherts te strekken, het begin
„was eener lange, onzalige liefde, die even wereld-
„vermaard zoude worden als de hartstogt van Petrarcha
_of van Abelard: Sir William's Secretaris was niemand