Boekgegevens
Titel: Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Auteur: Bosch, J.H. van den
Uitgave: Utrecht: H. Honig, 1896
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-239
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202619
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bloemlezingen (vorm), Leermiddelen (vorm), Bellettrie (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Vorige scan Volgende scanScanned page
51
En nu geeft de vierentachtigjarige grijsaard eene schets
van zijnen ochtend:
Mijn eerste bezigheit is bidwerck, vroegh en spade,
Altoos met lof en danck en altoos om genade,
De daghen die ick soo toesluit en open doe.
Vertrouw ick dat my Godts altoos verdiende roe,
Te lichter vallen sal, of dat ick hare slaghen
Ootmoedigher .en soo standvastigher sal draghen,
En hoe draeghsamen last sien ick my te gemoet,
Soo maer de Heer met my na syn gewoonte doet!
Cluys-Werck, V. 117, 124.
Er is iets in den toon dier Godsvrucht, dat haar onder-
scheidt van de eindelijke opheffing der handen, wanneer
het hoofd onder den last der jaren nederbuigt, van de
bekeering, uit het dagelijks drukkender gevoel van af-
hankeliikheid geboren; maar het zou ongepast zijn bij
Huygens, al verkeerde hij aan het Hof, een oogenblik
aan die beklagenswaardigen te denken, welke den hemel
hun harte niet eerder toewijden, voordat de wereld het
geweigerd heeft. Al zijne vorige werken, geheel zijn
vroeger leven, biedt de schoone vereeniging aan van een
degelijk hoofd met een gemoedelijk hart. Constantyn was
opgevoed in den geest van dien Willem van Oranje, wien
Broes zoo treffend teekende, toen hij zeide, dat hij niet
slechts een vroom, dat hij ook een wijs man was geweest.
Eene godvreezende moeder had bij den jeugdigen Huygens
het gevoel aangekweekt, dat van onzen Goddelijken oor-
sprong getuigt, en het gemoed voor alle indrukken van
verhevenen aard vatbaar maakt; — een vader, die ver-
diende de vriend van den Grondlegger onzes Staats te
zijn, had hem geleerd: „Al wat uwe hand vindt om te
„doen, doe het met al uwe magt!" De zestiende eeuw