Boekgegevens
Titel: Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Auteur: Bosch, J.H. van den
Uitgave: Utrecht: H. Honig, 1896
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-239
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202619
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bloemlezingen (vorm), Leermiddelen (vorm), Bellettrie (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Vorige scan Volgende scanScanned page
47
achtte ze heelbaer, dewijl zij klein en ligt waren; opregt
gesproken, dreef hjj hier de beleefdheid wat verre. Wij
kunnen der verzoeking geen' wederstand bieden, de plaats
hier uit te schrijven, ten einde u te doen beslissen, of de
wenk indruk heeft gemaakt:
Wat meent ghy met uw' stemm? wat doet ghy met uw
handen ?
Wouwt ghy niet dat die stem myn feilen overmanden?
Hoe breeckt ghy dan haer kracht? hoe staet ghy dan
en singht?
En singht een valsch geluyd, dat myn hert niet en dwinght ?
Die t'huys sijn kindren tucht met straffen of verthoonen,
Met ernst of soetigheit, soeckt hy na andre toonen,
Als die de tucht vereischt in ernst of soetigheit?
En soeckt ghy in uw spraeck een krachtiger beleid
Dan dat het hert u geeft? Of zijn 't geleerde boeken
Daer ghy de konst uit suyght; waer mogen 't vrouwen
soecken?
(Want spreken is haer lot) de Vrouwen op de Merckt,
In heet en in koel bloed, daer niemand op en merckt?
Is 't konstigh, haer gebaer? zijn 't cierljjke geluyden?
o Ja, de cierlijkste; want 's allersterkst beduyden.
Beduyden is de saeck en al die daer na tracht,
[Ghy hebt geen ander witt] en hoeft geen ander' kracht.
Als die natuer van selfs kan will, sal en moet geven.
Laet kinderen begaen; hier hebt ghy 'tnaeckte leven.
En schaemt u geen' copy te nemen van die hand;
't Is Gods hand, die all' licht heeft in die jeughd geplant,
Dat door de kindsheit blinckt en lett eens op het spreken
Van die onnooselheit; sy weten van geen preken,
Maer 't spreken is haer ernst, soo wel als u 't sermoon
Hoort, valt haer wel een woord ten mond uyt van
syn toon?