Boekgegevens
Titel: Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Auteur: Bosch, J.H. van den
Uitgave: Utrecht: H. Honig, 1896
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-239
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202619
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bloemlezingen (vorm), Leermiddelen (vorm), Bellettrie (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Vorige scan Volgende scanScanned page
369
grootste gedeelte eens in te zien; de Bybelsehe en andere
«uwe historiën geloof ik dat we ruim zo goed weten als
mennige studdent, die 'er van de Akkedemie gaat, we
zouwen aars onmogelyk te recht kennen kommen met het
beantwoorden der vragen, die ons worden opgegeven,
en wel voornamentlyk die we de knievraag noemen.
S. Eilieve! zeg me eens wat ik daar door moet verstaan;
in het begin van ons discours is 'er over het kniewerk heen
gepraat.
R. Dat wil ik graeg doen, maar dan motje me ook de
reden zeggen, waarom je mient, dat we thans overal in zo
weinig agting zijn.
S. Ik twyfel niet, of 't zal u vry gemakkelyker vallen,
aan myn begeerte, dan my aan de uwe te voldoen: echter
zal ik 'er zo veel van zeggen als me mogelyk is; want
daar de bewyzen ontbreeken, moet men zich met gissen
te vrede houden.
R. 't Is goed, en ik heb meer als eens gezien, dat het
geen de één slechts voor gissingen opgaf ruim zo gegron-
deert was, als het geen een ander met geweld voor over-
tuigende bewyzen wou deur doen gaan.
Maar omje niet op te houwen, wanneer al de kamers,
die op de uitgegeeve kaart van beroepinge ten bestemden
tyd verschynen ter plaatze van waar die afgezonden is, en
aan dezelve door heur intreede, bewys der blasoenen, het
speelen, het prononseeren der refereinen, het zingen van 't
lied, en wat 'er verder in begrepen was, voldaan hebben,
word 'er in 't gemeen daags voor de ofscheid, en 't vertrek,
een vraag opgegeeven, die na het werk lang of kort mot
wezen, ook in een langer of korter bepaalde tyd mot beant-
woord worden, somtyds in een lied, somtyds in één of meer
refereinen. Over een groote hondert jaar most een liedje in
één uur, en een Referein in twee ofgemaakt worden; doch
de bepaling van de tyd en regels hangt thans of van den
24