Boekgegevens
Titel: Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Auteur: Bosch, J.H. van den
Uitgave: Utrecht: H. Honig, 1896
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-239
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202619
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bloemlezingen (vorm), Leermiddelen (vorm), Bellettrie (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Vorige scan Volgende scanScanned page
367
De putgalm volgt op rym myn lesten tann.
Ik begryp wel, dat Vondel hier de echo of weerklank door
verstaat, maar dat woord tarm koomt my zo gezocht voor, dat
hy zekerlyk daar iets mede bedoeld moet hebben, dat mo-
gelyk in zyn tyd bekender was, dan tegenwoordig.
R. Je hebt niet al misgeraden, ik heb tweemaal zelfs voor
Josef gespeult, en die woorden hebben by ons geen de
minste duisterheid, want je moet weten, dat tarm en tar-
men al van de eerste konstwoorden zyn, die we leeren. In
onze vergaderingen gebeurt het dikwyls, dat iemand een
woord opgeeft, daar we van de ry af ieder een rymwoord
op zeggen moeten, die dit niet ten eersten vind, of 'er een
gebruikt, dat een ander al gezeid had, verbeurt boete; het
opgegeeve woord hiet tarm, en het rymen op deuze wijs is
ons by de naam van tarmen bekend; Dat Vondel dit in 't
oog gehad heeft blykt klaar uit den t'zamenhang.
De putgalm volgt op rym myn lesten tarm.
En schynt heiceegt myn klachten naer te smeeken;
Dat 's al myn troost en tydverdryf, och arm.
Hy noemt het, en daar houden wy het ook voor, een
tijdverdrijf, en schynt vast te stellen, dat het in 't land van
Kanan al in zwang ging, of dat Josef in zyn jeugd lid van
zodanig een konstgenootschap, als onze kamers zyn, geweest
is, en dus zouden deze met recht de aloude genaamt worden.
Dat myn gissingen niet heel ongegrond zyn, zal je moeten
toestaan, zo ras alsje maar bedenkt, dat die woorden moe-
ten gehouden worden voor een vertaling van 't geen Josef
in zyn taal gezegt heeft, of kunnen zeggen: dus zo men
Josef en Vondel slechts wel onderscheid, zal 't aanstonds
blyken, dat ieder iets beoogt moet hebben, dat in zyn land
zeer bekend was ten tyde dat de een zyn klachte deed, en
de ander zyn Treurspel heeft opgesteld.