Boekgegevens
Titel: Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Auteur: Bosch, J.H. van den
Uitgave: Utrecht: H. Honig, 1896
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-239
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202619
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bloemlezingen (vorm), Leermiddelen (vorm), Bellettrie (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Vorige scan Volgende scanScanned page
320
had hun beiden verzegt om in de stad te blyven. Toen
Grootje Ryzig vertrolfken was, stelde ik een Patertje langs
de kant voor, om de goede Vrouw van Zeemansrust wat
op te beuren. Zy heeft ook den laatsten Man zien gaan.
Van de Dansparty des volgenden daags kwam niet veel.
Mama danst zedert myn Vaders dood niet meer. Ryzig
danst niet; Nigt Hexameter danst niet; Pietje had haar
kat gestuurd. Wim zag zo zyn slag niet onder de meisjes.
Evenwel, om my te voldoen, danste hy een Hornpipe: aZs
hy het befje om heeft, zal dat uit zyn, zeide hy. Een oud
hoofd, die dat beleeft, Wim; en ik knipte hem op zyn
wang. Hy is lief en vriendlyk, maar niet vrolyk. Zo ik
tyd heb, kom ik met Wim, voor hy vertrekt, nog eens
wat by u praaten. Vaarwel, uwe vriexdin.
/ mevrouw ryzig aan petronella renard.
H Wel zie zo! Nog maar agt dagen getrouwd en al be-
knort ! Het hart wil een klager hebben, en ik hoop, dat
gy uwen geest van zoete medelydendheid ook voor my
niet geheel zult agter baks houden. Wel, de Man is bang,
schynt het, dat zyn Ryk niet lang duuren zal: strenge
Heeren niet lang regeeren, zo als het Liedje gaat. En als
ik, myne Vriendin, nog schuld had, ik zou zwygen, om
'' Vredens wil; want ik heb, weet gy, immers nog zo eene
ouwe zugt voor vrede, en laat veel ongemerkt doorgaan.
Maar ik heb niet alleen geen schuld, maar kan die niet
hebben. Hoe! daar de Koning van Engeland geen kwaad
doen kan; zou daar eene Vrouw, die zeker veel meer
waardig is dan al de Koningen in alle mogelyke waerel-
den, kwaad doen kunnen? (Hoe smaakt u zo een scheutje
staatkunde onder myne weeklagt?) Kom aan! De verkie-
zingen zyn vry: dit is myn vast punt. Ryzig verkiest