Boekgegevens
Titel: Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Auteur: Bosch, J.H. van den
Uitgave: Utrecht: H. Honig, 1896
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-239
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202619
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bloemlezingen (vorm), Leermiddelen (vorm), Bellettrie (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Vorige scan Volgende scanScanned page
264
onder uw kin toe; leg uwe guirlandes, uwe ^yretentions,
weenende af; zie met schrik en berouw op uwe witte
zyden koussen; haat uwe hemeltergende satyne schoenen
doodlyk; ja zelf, maak een Grieksch Vuurtje van al des
Duivels livrei: Indien gy een vroome Zuurkyk wordt, dan,
ik beken het, zult gy wel lastiger, maar geen hair beter
worden; en Monsieur Satan, die toch een weergaase schalk
is, zal u in zyn vuist uitlachen, 't Zal zo uitkomen, kind.
Ik ga u alvast naar myne gewoonte schryven. Gy ver-
dient het ongetwyffeld. Gy weet, wat ik eens over Vel-
denaar zeide? Nu, dat was geen voorbygaand behaagen, al
liet ik het er voor passeeren. Die geneegenheid nam toe,
naar maate het my ernst wierd. Mama's voorbeeld wat
beter te volgen; maar onze Eammel wist my te zeggen,
dat hy op Chrisje veel kans heeft. Ik begreep, dat ik er
nu ten eenemaal af was. Die een Chrisje Helder bemint,
kan op geen ander meisje denken; dat is by my maar
afgedaan. Myne Mama zag my gaarn wel getrouwd. Nu
zult gy het volgende gesprek beter begrypen. Wy zaten
zeer wel te vreden by een: de man des huizes geld-
winnende en grommende: alles was dan in order.
Ik. 't Is my toch raar, dat Wim niet hier is; nu wy
zulke goede vrienden zyn, kon ik dikwyls eens op den
tril met hem; altoos met dat vreemde gestoet!
Mama. Ja, kind, ik denk dikwyls aan hem: zag ik
maar, dat hy eens wel geplaatst en getrouwd ware!
Ik. Heden, Mama, denkt gy daar nu al om? Zou hy
geen zin hebben in Chrisje Helder?
Mama. Mooglyk; maar myn Heer Helder zou hem zien
komen! Die man heeft wel andre uitzichten met zyne Dogter.
Wim is niet half ryk genoeg, om naar haar te durven zien.
Ik. Coosje Veldenaar dan, Mama?
Mama. Dat zou ten minsten beter voegen; doch zo
als gy zegt, 't is nog vroeg. Maar, nu wy toch van