Boekgegevens
Titel: Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Auteur: Bosch, J.H. van den
Uitgave: Utrecht: H. Honig, 1896
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-239
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202619
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bloemlezingen (vorm), Leermiddelen (vorm), Bellettrie (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Vorige scan Volgende scanScanned page
259
maar men zou dus doende wel afgeschrikt worden, als
de mannen zoo wreed zyn. Altijd zyt gy welkom by
uwe liefhebbende tante.
alida leevend aan geertrüid leevend.
Waarde Tante Truitje!
Dat had ik nooit gedagt! zyn de mannen zulke mon-
sters, zulke aapenkoppen? Hoe goed is 't, dat ik er niets
mede te doen heb ? ja, ik zal, nu gy er toch wat van weet,
u meer zeggen. Daar is nu die schrikkelyke Doctor, wat
doet hy? wel, dat kunt gy zo niet denken! Hy is raazend
op my verliefd. En zou ik zulk een booswigt neemen, die
daar myne Tante zo affronteert? En nu hy ziet, dat ik
hem niet begeer, zoekt hy rusie tusschen ons testooken:
nu, gy kunt denken, hoe veel geloof hy verdient. Maar
ook, het is uw trant niet. Hy is een Vrygeest, of een
Remonstrant, of zo iet; en zyne Zuster draagt maar een
Japon: hy schryft tegen uw geloof; neem hem des niet.
De Baron is wel fatsoenlyker man, maar bedroefd wispel-
tuurig. ó Dat is elendig! Hy noemt u ook la belle par
derrière, en spreekt veel kwaad van uwe zyde franges.
Hy is u niet meer waardig dan de Mof. Zie het nog wat
aan: Wat haast hebben wy, meisjes? Als men getrouwd
is, zyn onze blyde daagjes uit, Tante. En komt men in
de kinderen, dan is het nog doller! Wat ziet de Baron
er ook miserabel by u uit! Weet gy wel, dat hy maar
valsche tanden draagt? Weet gy wel, dat hy zyn toupet
maar over zyn zakpruik kamt, om ons de oogen uit te
steeken? Zie, ik ben nu maar die ik ben; en in verre na
zo ryk niet, en ook niet zo mooi als Tante; maar ik zou
zulk een verpieterde opgekonkelde Petitmaitre niet willen
hebben, al had hy nog zes Baronyen (in de Maan.) Gy