Boekgegevens
Titel: Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Auteur: Bosch, J.H. van den
Uitgave: Utrecht: H. Honig, 1896
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-239
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202619
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bloemlezingen (vorm), Leermiddelen (vorm), Bellettrie (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Vorige scan Volgende scanScanned page
244
Wy zyn gewoon, Daatje, om elkander zonder compli-
menten te behandelen. Aan die gewoonte wil ik my hou-
den ; ingevolge daarvan zeg ik u, dat het my spyt, dat gy
geen beter hart, of zo veel stekelig vernuft hebt! ViQ vin-
nige zetten omtrent uwe Moeder kan ik niet dulden. Wilt
gy des, dat uwe Brieven my behagen, spaar dan uw eigen
karakter, want dit lydt er in myne achting ongelooflyk
veel door. Ondraaglyk verwaand vind ik u omtrent Juf-
frouw Veldenaar. Ik hoop, dat gy uwe vernedering nog
jaaren lang zult overleeven. Het schynt my toe, dat gy
ter bereiking van dit oogmerk al taamlyk gelukkig arbeidt.
Een verliefd Meisje zyt gy niet; ook niet, als een Velde-
naar de man zy; gy denkt niet aan trouwen: Alles is des
coquetterie. Wel nu, Vriendin, zyt gy nu niet vier-en-
twintig? nog een jaar of zes zal dat nog zo wat lukken,
want aan Madame la Nature hebt gy al zo weinig ver-
pligting als ik. Dit ongunstige wordt zeer byzonder ver-
groot door de ongeregelde manier van leeven. die wy
houden. En gy zyt nog daar-en-boven eene Speelster!
Dikwyls ziet men u aan voor de Zuster uiver Moeder, en
dat wel — voor de oudste Zuster; en dat wel — niet-
tegenstaande uwe coëffure comme il faut, uwe pluimen en
bloemen; en dat wel — in weerwil van alle kunst- en
vliegwerken, die gy gebruikt, om deeze verneederende
misvatting voor te komen. Uwe Mama is echter twintig
jaar ouder, en was Moeder van verscheiden Kinderen.
Haast u dan, mag ik u bidden; want de tyd is kort.
En nu zult gy my met een gelaat, waar op de ge-
kwetste eigenliefde een spottige lach plaatst, vragen: En
gy ook, Benard? Wil dit niet zeggen: „Voegt het u om
„my, over myne zwakke zyde, eene Menniste Predikatie
„te doen, dan is de spreuk bewaarheid:
Een Renegaat is nog veel strenger dan een Turk enz.