Boekgegevens
Titel: Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Auteur: Bosch, J.H. van den
Uitgave: Utrecht: H. Honig, 1896
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-239
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202619
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bloemlezingen (vorm), Leermiddelen (vorm), Bellettrie (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Vorige scan Volgende scanScanned page
226
paulus helder aan willem leevend.
Uw Brief bedroeft my. Ik beklaag uwe lieve Moeder;
uw lot is ook vry ongevallig. Kon die man zyne gebreken
zo verbergen? Hy trouwde immers uit geneegenheid; en
uwe Moeder, immers zo oordeelt myne Mama, had geene
reden, om uit een laag belang zyne hand aanteneemen; zy
behoefde haare omstandigheden niet te verbeteren. Jammer
dat zy, toen het nog tyd ware, zyne slechte zyde niet ge-
zien heeft: nu is het te laat- Myne Moeder beweert echter,
dat, indien hy te verbeteren is, uwe Mama uit alle Vrouwen
het best geschikt zy, om hem te verbeteren.
Uwe Moeder heeft voor u belet gevraagd; en gy zult
hartlyk welkom zyn. AVy krygen de lieve Juffrouw Vel-
denaar, de intime van Chrisje, hier insgelyks. 't Is een uit-
muntend meisje: Myne Moeder bemint haar met onder-
scheidende hoogachting; en voor Chrisje is zy alles. Wy
zullen ons wel diverteeren; kom maar wat spoedig. Chrisje
spot niet half zo veel, als ik voorzien had, toen zy hoorde,
dat gy voor Dominé zoudt gaan studeeren. Zy zat, met
Mama, die haar dit vertelde, op de Canapé, bekeek zeer
aandagtig de toppen der vingeren van haare regte hand,
en zei alleen: wel zo! gaat Wim voor Dominé studeeren!
Er is zo het een en ander in uwen Brief, waar over
ik, wyl ik uw Vriend ben, eens met u moet praaten: als
gy by ons zyt, wil ik daar liefst niet van spreeken, want
ik moet een weinig op u knorren. Springt gy, myn Vriend,
met het karakter uws behuwd Vaders niet wat te vry
om? Vergeet gy ook, dat hy uw Moeders Man is? dat
zy hem uit verkiezing nam.^' 't Is waar, zy kende zyne
siegte zyde niet; maar was myn Heer van Oldenburg wel
een man voor de zagtaartige, de aandoenlyke Weduwe van
den verstandigen Heer Jan Leevend ? Kunt gy hem wel