Boekgegevens
Titel: Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Auteur: Bosch, J.H. van den
Uitgave: Utrecht: H. Honig, 1896
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-239
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202619
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bloemlezingen (vorm), Leermiddelen (vorm), Bellettrie (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Vorige scan Volgende scanScanned page
Over het Proza.
door
GEEL.
Gij hebt dikwijls gehoord of gelezen, of bij U zelve na-
gedacht, over de geschiedenis der Poëzij, en Gij zijt steeds
teruggevoerd naar een tijdperk, misschien niet van bar-
baarschheid of redeloosheid, maar van nog onbeschaafde
zeden, wanneer men U den oorsprong dier edele kunst
aanwees. . Men heeft IJ den natuurmensch geteekend, en
uwe verbeelding heeft er nog iets bij geschilderd, hoe
alles, wat dien natuurmensch treft, een levendig en driftig
gevoel in hem opwekt, dat hij niet kan intoomen, maar
waaraan hij lucht geeft in een beeldspraak, die zijne zin-
nelijkheid schept: hoe die uitboezeming bij hem allengs
gezang wordt, en dat gezang hem dwingt tot maatgeluid
en evenredige afdeeling zijner woorden.
Dit was de oorsprong der Poëzij, en zij bleef gezang,
totdat vordering en beschaving, wier beginsel verdeeling
schijnt te wezen, eene kunst ontwikkelden, die verheven
is, dewijl zij gewaarwordingen opwekt, die niemand be-