Boekgegevens
Titel: Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Auteur: Bosch, J.H. van den
Uitgave: Utrecht: H. Honig, 1896
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-239
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202619
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bloemlezingen (vorm), Leermiddelen (vorm), Bellettrie (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Prozastukken voor de hoogste klassen van 't gymnasium
Vorige scan Volgende scanScanned page
93
der af zijn: en zoo gaat het rond, met gissingen, wegla-
tingen en aauvullingen, geheel ontaard en verknoeid. En
het zou mij daarom ook niet verwonderen, indien het
groote getal er van gemaakt had, dat er 40 kanonnen
van den vijand boven op de Pyramiden stonden, en dat
die post eerst moest ingenomen worden. Daarom, Melissus!
indien gij deze aanspraak niet verzonnen hebt, dan heb-
ben de soldaten van dien spreker in dat gevecht zeker
te kort geschoten. —
Melissus gierde zoo onbedaard, dat hij dreigde achter-
over van de bank te vallen. Met één been in de hoogte,
riep hij: Het was Napoleon, vóór den luisterrjjken veldslag
van de Pyramiden! en de Franschen hebben die aanspraak
altijd bewonderd, als een model van poëtische krijgs-be-
velhebbers-welsprekendheid! ')
— Ik kan het niet helpen, Melissus 1 zeide ik, een
weinig bedeesd. Maar gij ziet, dat de studie der karakters
hoogst moeijeljjk is. — Dat heb ik nu duidelijk gezien,
antwoordde hij. — Wie weet, wat ik nog leeren kan, her-
nam ik, wanneer ik blijf voortstuderen! Men is er nog
niet, al spreekt men gedurig van karakterkunde en men-
schenkennis. Het hoogste dier wetenschap schijnt voor den
overrijpen leeftijd bewaard te wezen, nadat men zich zeiven
zoo ongeveer in allerlei stand en zit en ligging heeft waar-
genomen. Want de karakterkunde schijnt van zich zelve
te moeten uitgaan. — Daaruit zou volgen, zei Melissus,
ij Ik heb ergens in een Fransch hoek de iessera van Napoleon overgcstelii
gezien tegen die van Nelson, vóór den slag van Trafalgar: zij was, meen ik,
England expects that every man shall do his duty. „Zoo kan ieder Corpor-al
(zegt de slimme Franschman) zijn soldaten aanspreken, die hij drilt." — Dat
is waar ook; maar in het eene geval is het duty, de gezwinde lading goed
te leeren; in het andere was het duty, de Spanjaarden en Franschen te
slaan, dat er geen stuk van te regt kwam : en dat hebben de Engelschen
toen vrij goed gedaan.