Boekgegevens
Titel: Beknopt schoolwoordenboekje voor de Nederlandsche taal: volgens de spelling, aangenomen voor het "Woordenboek der Nederlandsche taal; "
Auteur: Bosch, D.W.
Uitgave: Amsterdam: Schalemkamp, Van de Grampel en Bakker, 1866 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2204
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202607
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Woordenboeken (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beknopt schoolwoordenboekje voor de Nederlandsche taal: volgens de spelling, aangenomen voor het "Woordenboek der Nederlandsche taal; "
Vorige scan Volgende scanScanned page
V ERKORTINGEN.
achterv. j achlervoeging. 1 overdr. ^ overdrachtig.
1 achtervoegsel. overl. overtreffend.
afgel. afgeleid. 0. w. onzijdig werkwoord.
and. anderen, andere schrij- vers. prov. j provinc.\ provincialismus.
and. sam. andere samenstellingen. ps. persoon.
bedr. bedrijvend. regel m. regelmatig.
bet. beter. sam. samenstelling.
beleck. beteekenis. sameng. samengesteld.
bijw. bijwoord. samen tr. samentrekking.
bnw. bijvoeglijk naamwoord. scheidb. scheidbaar.
b.w. bedrijvend werkwoord. so ram. sommigen, sommige
dw. deelwoord. schrijvers.
enk. enkelvoud. s'pr. uit. spreek uit.
fab. fabelleer. telw. telwoord.
fab. ps. fabelachtig persoon. tusschenv. lusschenvoeging.
Hg. figuurlijk. 1 tw. tusschenwerpsel.
gebr. gebruik. gebruikelijk. uiig. 1 uitgez. / uitgang, uitgezonderd.
gelijkvl. gelijkvloeiend. V. of vr. vrouwelijk.
gem. gemeen. , verb. i verbonden.
lidw. lidwoord. j verbogen.
m.ofmann. mannelijk. 1 verbast, i verbasterd.
mv. meerv. verbastering.
nv. naamval. verbind. verbinding.
0. of onz. onzijdig. vergr. vergroolend.
onb. onbepaald. verkl. verkleinend.
onSuik.1 «"gebruikelijk. verl. ! veroud. verleden, verouderd.
Äükvl.l ongelijkvloeiend. i verv. 1 vnw. vervoeging, voornaamwoord.
onp. onpersoonlijk. volg. volgende.
~ Zll%\m. i »n'^cgelmalig. volkst. vw. volkstaal, voegwoord.
onsch. vz. voorzetsel.
onscheiclb. w. of ww. werkwoord.
onv. 1 ■ onverbogen. wed er k. wederkecrig.
onverb.i w. w. wederkeerig werkivoord
onverand. onveranderliik. z. zie.
ondi. oudtijds. znw. zelfstandig naamwoord.