Boekgegevens
Titel: Beknopt schoolwoordenboekje voor de Nederlandsche taal: volgens de spelling, aangenomen voor het "Woordenboek der Nederlandsche taal; "
Auteur: Bosch, D.W.
Uitgave: Amsterdam: Schalemkamp, Van de Grampel en Bakker, 1866 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2204
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202607
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Woordenboeken (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beknopt schoolwoordenboekje voor de Nederlandsche taal: volgens de spelling, aangenomen voor het "Woordenboek der Nederlandsche taal; "
Vorige scan Volgende scanScanned page
9
kwartel, m; s. ken, o. w. Kwijl, v. —en, o. w. In
Kwartier, fo;en.—sver- Kwel, in—achtig,—ziek, sam. kwijl,
gadering. Inand.sam. bnw. Ook in plaats van Kminen, o. vf.
enk. wel; als: —water (wel- Kwijt, bijw. —brief.
Kwartijn {boek in A^) m; water). —schrift.
en. Kwelder {buitendijksch Voorts de bedr. ww.
Kwarts, o; en. —achtig, land)\.—gras.
—houdend, bnw. Kwellage, v.
Kwassiehout, o. Kwellen, b. w. §
Kwast, f m; en. —erig, Kwelziek, bnw.
—ig, bnw. Kwendel {plant) v.
Kwee, v; kweeën. Kwets {pruim) v; en.
Kweek (—gras, puingras) Kwets {kwetsing) \\
uur.
—raken, —schelden,
enz. Schcidb.
Kwijten, w. w. (eet, eten).
Kwik, o; ken. —achtig,
bnw. —kebil. In and.
sam. kwik. —je {strik-
je) 0.
V.
Kweekeling, m. en v; en.
Kweeken, b. w. §
Kweekeiij, v; en.
Kwceksel, o; s.
v; uren. —en, b. w. Kwikstaart, ra; en.
Kwetteraar, ra; s. —ster, Kwinkeleeren, o. w.
v. Kwinkerd, m; s.
Kwetteren {drukken) b.w. Kwinkslag, ra; en.
Kwetteren (kakelen) o. w. Kwint, -f- v. —ig, bnw.
Kweelen (zingen) b. w. Kwetterig, bnw. Kwintaa , zie quintaal.
(kwijnen) o.w. Kwezel, v; s. —aar, ra. Kwipsch, bnw.
Kweeltje, -f o; s. —achtig.bnw.—arij, v. Kwispedoor, o. Öoftkwis-
Kweern, kwern (handmo- Kwezelen (futselen) o. w. peldoor.
len) v; en. Kwibus (zot) ra; sen. ZïcKwispel, ra; s. —en, b. en
Kweesten, o. w. quibus. o. w. —staarten, o. w.
Kweesterij, v. Kwidara, ra; s. Hetzelfde Kmsten(verkwisten)h.v!
Kweken, kwekken; kwa- als kwibus. Kwistig, bnw.
L (twaalfde letter) v; *s.
La (muzieknoot) v; 's.
La, zie lade.
Labaar, v; aren. Laco'nisch (bondig) bnw.
Labbei (klappei) v; en. Ladder, v; s.
—en,b.w. Lade, la, v; laden. Laadje.
Laag,bnw.—hartig, bnw. Labben o. w. Laden, b. w. (aadde,
—jes,bijw.—te, v. Zie Labberdaan, s.abberdaan. aden). §
bij lager. Labberen, o. w. § La'dy (Engelsche dame)\;
Laag, v; agen. —swijze. Labberkoelte, v. 's.
Laai, laaie, v. Labberkoeltje, o. Laf,bnw. —hartig,—moe-
Laakbaar, bnw. Laborato'riura (werk- dig, bnw.
Laakziek, buw. plaats) o. Voorts —aard,—bek,
Laakzucht, v. —ig, bnw. L3ihoTeeren(moeite hebben; enz.
Laan, v; anen. aan eene ziekte leideii) Lafenis, v.
Laars, v; zen. In sam., o.w. Lager(vcr^r./rop i-anlaag)
waarin uitsluitend Ae^ Labyrint, o; en. in: —hand, —huis,
mv. bedoeld wordt, h&r- Lach, ra.—lust, ra.—lus- —wal, enz.
zen. tig, bnw. —erij, v. Lak (gom) o.
Laarzen, b. w. Lachen, o. w. (achte, Lak, lek (poe/) o.
Laas (helaas) tw. achen). Als znw. o. /nLak (lastering) ra.
Laat, bnw.—stelijk,bijw. sam. lach, behalve la-Lakei, ra; en.
—stleden, bnw. chebek (ooftlachbek)m. Laken, b. w.
Laatdunkend, bnw. en v. Laken, o; s. —sch, bnw.