Boekgegevens
Titel: Beknopt schoolwoordenboekje voor de Nederlandsche taal: volgens de spelling, aangenomen voor het "Woordenboek der Nederlandsche taal; "
Auteur: Bosch, D.W.
Uitgave: Amsterdam: Schalemkamp, Van de Grampel en Bakker, 1866 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2204
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202607
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Woordenboeken (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beknopt schoolwoordenboekje voor de Nederlandsche taal: volgens de spelling, aangenomen voor het "Woordenboek der Nederlandsche taal; "
Vorige scan Volgende scanScanned page
OPHELDERINGEN.
2nELFSTANDIGE NAAMWOORDEN.
Bij ieder znw. is het geslacht en het meervoud geplaatst; doch bij de
sameng. znw. meesttijds alleen dan, wanneer hun geslacht van dat van
het grondwoord verschilt, of wanneer ten aanzien der heleekenis eenige
twijfel kan-ontstaan.
Het meervoud der znw. is aangeduid door alleen de achter te voegen
letters op te geven.
Indien de dubbele klinker in het meerv. in een enkelen overgaat, is
ook deze er bijgevoegd; zoo vindt men bij me^r, eren; — bij pook,
oken; enz. Elke afwijking van den regelmatig en meen oudsvorm is aan-
gewezen; zoo vindt men: acacia, 's; — Ante, ieën; — drie, ieën; —
koe, ten; — admissiCy ten; enz.
Daar, waar in het meerv. de sluitletter 5 of ƒ in 2 of v overgaat, is
ook die letter herhaald geworden; b. v.: sluisy zen; — lijf, ven.
Wanneer hetzelfde znw. op onderscheidene wijzen gespeld wordt, geldt
hel meerv. voor beide; of hun meerv. is afzonderlijk opgegeven. Zoo
vindt men mokkel, moggel, s; zoodat beide woorden eene s in het meerv.
hebben. Eveneens vod (vodde), den (n); zijnde den het meerv. van vod,
het laatste van voddc.
In dit werkje zijn niet opgenomen:
a). De vr. znw., welke regelmatig van de onbep. wgs der werkw. door
verandering van den uitgang en in ing, gevormd worden, tenzij een dusdanig
woord ook in eene andere beteekenis voorkomt; als: rekening, vermaning, enz.
b). De vr. znw. van bnw. gevormd door achtervoeging van heid; als:
goedheid, goedgunstigheid, woestheid, enz.
c). De m. znw., welke regelmatig van de onbep. wijs der werkw.
door verandering van den uitgang en in er; en de vr. znw., welke door
achtervoeging van ster bij den wortel der werkw. gevormd worden; even-
min de eerstgenoemde, wonneer de wortel op r uitgaat en de uitgang er
in der verandert; b. v. : waken; waker, waakster; — hooren, hoorder,
hoorster, enz.
d). De vr. znw., van werkw. gevormd, welker wortel met v oi z
sluit, en welke letters in f en s overgaan; als: bederven, hederfstery enz.