Boekgegevens
Titel: Beknopt schoolwoordenboekje voor de Nederlandsche taal: volgens de spelling, aangenomen voor het "Woordenboek der Nederlandsche taal; "
Auteur: Bosch, D.W.
Uitgave: Amsterdam: Schalemkamp, Van de Grampel en Bakker, 1866 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2204
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202607
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Woordenboeken (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beknopt schoolwoordenboekje voor de Nederlandsche taal: volgens de spelling, aangenomen voor het "Woordenboek der Nederlandsche taal; "
Vorige scan Volgende scanScanned page
Gaaien (paren) o. w, -ebrol;, -cmaal,-epad, Garf, v; ven.
Gaaitje, gaaiken, o. —stuk, —tronie, -veld. Garnaal, v; alen.
Gaal (in stoffen) v; alen. In and. sam. mv. Garnituur (het toebehoo-
Galig, bnw. Galgen («aar tie sma- rende, versiering, enz.)
0; ureu.
Garnizoen, 0; en. In sam.
mv.
Garstig, bnw.
Garveu, 0. w.
Gas (kunstlucht) 0; sen.
Gaan, 0. w. (ing, aan). Aen) 0. w.
—s, bijw. in: een uurGalig (vol galen) bnw.
gaans, enz. Galijk, zie gade. —heid.
Gaande, dw.;oo/(; in; de — Galjoen, 0; s o/'en.
en komende mac, —ma- Galjoot, v; en.
ken, enz. —weg, bijw. Gallen, b. w.
Gaar, bnw. —te, v. Öo/c Gallicis'mus,-me(FranscA —aardig (iei.-achtig),
in sam. met znw.,a/s: /ao/eiycn) 0; men. —houdend, —vormig,
—kok, enz. Als bijw. Galm, m; en.—en, 0. w. —meter (gasome'ter)
in: gansch en —. § m. Ook met 2.
Gaarboorden, 0. mv. Galnoot, v; oten. Gast, m; en. ■—^je (een
Gaard, m; en. —enier, m; Galon' (boordlint) 0; s. stoute knaap) 0. —erij,
s. Galop',m.—pa'de(5prin^- v. —houder, 'm; s.
Gaarde, v. in diergaarde. dans) v; s. —maal, 0. —huis, 0.
Gaarder (ontvanger) m; s. Galoppen (galoppceren) 0. —vrij, bnw.
Gaarne, bnw. w. Gastereeren, 0. w.
Gaas, 0; azen. Gazen, onv. Galpen, 0. w. Gat, f 0; en. —^je (gaatje)
bnw. Galva'nisch, bnw. 0. —ig, bnw.
Gabel' (tolhek) v; len. Galvanis'mus(wie(aa/pri/c- Gaten, b. w.
Gade (zorg); ook eega, kei) 0. Gatenplateel, v; en.
eegade, v; n. (ooA; m.) Galvanoplastiek (Aunsïowi Gauw, bnw. —erd, m; s.
—lijk (galijk) bnw. afdrukken door het gal- —dief, m. —dieverij,
—loos, bnw. vanismus te verkrijgen) v.
(iader, te gader, bijw. v. Gave, zie gaaf.
Gaderen, b. w. § Gambier (sap eener struik Gazel (dier) v; len.
Gadeslaan, b. w. Scheülb. in O.-Indië) 0. Gazen, onv. bnw.
Gading, v, Gang, m; en. —^je,—etje. Ge, zie gij.
Gaflel, v; s. —vormig, —er, m. in sam.; als: Ge, onscheidb. vz. in de
bnw.—sgewijs, bijw. voet—,enz.).—boord. ww. gebruiken, geden-
Ga'gc, ga'gie (loon) 0. 0.
Gagel (heester) m. (verhe- Gangbaar, bnw.
melte) o;s. Gans, v; zen. In sam..
Gagelen, gaggelen (der waarin het mv. bedoeld
ganzen) 0. w. wordt, ganzen; alsmede
Gal (gezwel) v; len. ganzenei. Overigens
Gal, t v. —lig, —achtig, ganze.
bnw. Gansch, bnw.
Ga'la (staatsie) in: in —. Ganzerik (zilverkruid) v.
Galant, bnw. en m. znw. Ganzevoet (plant) m;en.
—erie', v; ién. Gapen, 0. w.
Galeas' (vaartuig) v; sen. Garantie, v.
Galei, f v; en. Garde (roede) v; n. Gardje.
Galerij (niet gaanderij) v; Gar'de (lijfwacht) v; s.
en. Gardiaan, m; anen.
Galg, v; en.—ladder, Gareel, 0; en.
-paal, —vogel, -eberg. Garen,o;s. OoA onv, bnw.
ken, enz. Zie lager.
Insgelijks vormt het
voorv. ge 0. znw. met
den uitgang te, t<an and.
zntü..'-beente,-bergte,
—bladerte, —darmte,
—hemelte, —vogelte.
Ge vormt bnw. en
bijw. van znw. inde ge-
daante van dw.; als:
—armd, —beft, —bo-
cheld, —harnast,
—ku 1 fd, -laarsd, -ribd,
—ruit, —schuif,
—spoord, —streept,
—tand, —vederd,
—vleescht, —wieki.