Boekgegevens
Titel: Beknopt schoolwoordenboekje voor de Nederlandsche taal: volgens de spelling, aangenomen voor het "Woordenboek der Nederlandsche taal; "
Auteur: Bosch, D.W.
Uitgave: Amsterdam: Schalemkamp, Van de Grampel en Bakker, 1866 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2204
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202607
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Woordenboeken (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beknopt schoolwoordenboekje voor de Nederlandsche taal: volgens de spelling, aangenomen voor het "Woordenboek der Nederlandsche taal; "
Vorige scan Volgende scanScanned page
Repliek' (tegenaniwoord)
v.
Reppen, b. w.
Representant (vertegen-
woordiger) m; en.
Republiek, v; cn. —ein,
m; en. —einsch, buw.
Reputa'lie (goede naam)
y.
Request' (verzoekschrift)
o; en. —rant.—reeren,
o.w. Zie rekest.
Re'seda (kruid) v.
Reservoir (vergaarbak)
m;s.
Resideeren (zetel houden)
0. w.
Resident, m; en. —ie, v;
s en iën.
Resolu'tie, v; iën.
Resoluut', ute (gul) bnw.
Respect (achting) o. —a-
bel, —uëus, —ief
(—ieve) bnw.—eeren,
b. w.
Respijt' (uitstel) o. —da-
gen.
Ressort' (gebied, enz.) o.
Rest, v; en.—ant, o; en.
Restaura'tic (heistelling,
gaarkeuken) v;iën.
Resten, o. w.
Resteeren (resten) o. w.
Restitu'tic (teruggave) v.
Resultaat (uitkomst) o;
alen.
Resumé, o; s. Resum'tie
(samenvatting) v.
Relig (met reten) bnw.
Retour' (terugkeer) o.
—vloot, enz.
Reu, m; en.
Reuk, m; en. —eloos,
—gevend, bnw.
Reus, m; zen. In den 2 nv.
zen. —achlig, buw.
Reuzin. In sam. mv.
Ook in: —gebergte.
Reutel, m. —en, o. w.
— aar (groJnpot) rn; s.
Rijfel, m; s. —aar, m; s.
—en, O. w.
Rijgen, b. w. (ecg, egen).
-elijk, buw.
—aarster, v.
Reuter (z^e/) m; s.
Reuzel, o. en m; s.
Rcvcil'ie (wektrom) v.
Revelaar, m;s.—ster, v. Rijk, bnw.
Re velen (suffen) o. w. —dom; m. —aard, m;
Reven, b. w. § s. —en (rijke lieden)
Revolu'tie (omwenteling) mv. znw.
v; iën ens. Rijk, o;en.
Revolutionair', bnw. Rijm, rijp, m.
Rhelo'rica (redekunst) y.PAjm (dichtmaat) o; en.
Rhetorisch (redekunstig) —elaar, m; s en aren.
bnw. —elaarsler, v.—elarij,
Rhino'ceros, m; sen. —erij, v. —eloos, bnw.
Rhumaliek, rhuma'tisch Rijmelen, b. w. §
(zinkingachtig) bnw. Rijmen, o. en w. §
Ook rheumatiek. Rijn (rivier) m. —sch.
Rib (ribbe) v; ben (n). —landsch,bnw.—graaf,
—je en —betje. Ribbe enz.
in: —stuk (ook rib-Rijp, rijm, m.
stuk),—breuk,—vlies. Rijp (rups) v; en.
Indien het mv. öedoe/dRijp, bnw. —en(rijpivor-
wordt: ribben. den, maken) o. en h. w.
Ribbeling (appel) m; cn. (licht vriezen) onp. w.
Ribbezakken (met slaan Rijs, o; zen.
en stooten oündrijüen) Rijst, v.—ebrij, —ebrood,
0. w. —egort, —ekoek,—e-
Richel, v; s. meel,—emelk,—etaart.
Richten, b. w. § Rijten, b. cn o. w. (eet,
Richter, ^..rechter. eten).
Richtig, bnw. Rijven, b. w. (eef, even).
Richtsnoer, 0. Rijzen, o. w. (ces, ezen).
Ridder, m; s. —lijk, bnw. Rijzig, bnw.
—schap (de waardig- Rikkekikken (der kikvor-
heid) 0. (de leden) v. schen) o. w.
Ridderspoor (bloe^i) v; Ril- (rilling) m.—len, o.
oren. w.
Rieken, z. ruiken. Rimpel,m;s.—ig,—ach-
Riem, -|-m; en. tig, bnw.—en, b. eno.
Riemer (roeier) m; s. w.
Riet, o; cn. —en, onv. Ring, m; cn. —eljc.
bnw. —peer. — swijs,bnw.—sverga-
Rif, zie reef. dering. Overigens enk.
Rif (geraamte, klip) o; Ringelen, b. w.
fen. Ringelmusch, v; usschcn.
Rij (reeks) v; en. Ringelooren, b. w.
Rijden, o. en b. w. (eed. Ringen, b. w.
eden). Rinkel, m; s. —bom, v.
Rijder, f m; s, —bel, v. —en, o. w. §
Rijf (rasp) v; ven. —rooien, o. w.